BESLUIT
Enig artikel
De notulen van de gemeenteraad van 19 januari 2026 worden goedgekeurd.
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2026-2031 van de Evangelische Kerk Balen goed.
Artikel 2
De gemeenteraad neemt akte van het budget 2026.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad besluit een materiële fout in het reglement 'belasting op drijfkracht: aanslagjaren 2026-2031' recht te zetten. Het reglement moet als volgt gelezen worden:
"Artikel 1
Met ingang van 1 januari 2026, en voor een termijn eindigend op 31 december 2031, heft de gemeente een jaarlijkse belasting op het gebruik van motoren, ongeacht het type energiebron.
De belasting bedraagt 36 euro per kilowatt (kW) geïnstalleerd vermogen van motoren die worden gebruikt voor de uitbating van:
● Land- en tuinbouwbedrijven
● Handels-, nijverheids- en recreatieondernemingen
● Andere ondernemingen, instellingen of verenigingen – ongeacht hun naam of rechtsvorm
De belasting geldt ongeacht de aandrijfbron van de motoren.
Artikel 2
De belasting is verschuldigd door de uitbater van de inrichting waar de motor(en) worden gebruikt.
Ook motoren in bijgebouwen vallen onder deze belasting als:
● Ze minstens drie maanden ononderbroken op het grondgebied van de gemeente actief zijn
● Ze worden gebruikt voor de uitbating van de hoofdvestiging
Als een bijgebouw in een andere gemeente ligt, wordt de belasting naar verhouding verminderd.
Motoren die gebruikt worden voor de verbinding met bijgebouwen of wegen, worden belast in de gemeente waar de hoofdvestiging is gevestigd.
Artikel 3
De belasting wordt berekend op basis van het totaal geïnstalleerd vermogen van alle motoren binnen dezelfde vestiging. Ook motoren die niet gelijktijdig werken, worden meegeteld.
● Bij één motor: het vermogen uit de plaatsingsvergunning geldt
● Bij meerdere motoren: de vermogens worden opgeteld volgens de vergunningen
Artikel 4
Volgende motoren, toestellen en situaties zijn vrijgesteld van de belasting
Het stilleggen voor een duur gelijk aan of langer dan een maand geeft aanleiding tot belastingvermindering in verhouding tot het aantal maanden gedurende dewelke de motoren stilgelegd worden.
Geen belastingvermindering kan verleend worden, tenzij op ter post aangetekende of tegen ontvangstbewijs afgegeven berichten, waarbij de datum van het stilleggen en de datum van het weder in gang stellen van de motor bekendgemaakt wordt aan het gemeentebestuur.
Voor de berekening van de belastingvermindering gaat de stillegging eerst in na ontvangst van het eerste bericht.
Deze vrijstelling kan volgens de hierna bepaalde regelen bekomen worden.
Deze ondernemingen zullen voor iedere aan de belasting onderworpen machine, een boekje moeten bijhouden, waarin de dagen worden vermeld gedurende dewelke de machine in gebruik is, en de werf waar zij is opgesteld. Aan het einde van het jaar, zal de ondernemer zijn aangifte invullen aan de hand van de in elk boekje voorkomende gegevens, met dien verstande dat er over de gegrondheid van de in de boekjes ingeschreven gegevens steeds fiscaal toezicht kan worden uitgeoefend.
Deze procedure is echter voorbehouden voor de bouwondernemingen die een geregelde boekhouding voeren, die een schriftelijke aanvraag tot het schepencollege richten en de toelating van het college bekomen.
Met een inactiviteit voor een duur van één maand wordt gelijkgesteld, de activiteit die beperkt is tot één dag werk op vier weken, in de bedrijven die met de RVA een akkoord hebben aangegaan inzake de activiteitsvermindering om een massaal ontslag van het personeel te voorkomen.
Met de inactiviteit voor een duur van één maand wordt eveneens gelijkgesteld de inactiviteit gedurende een periode van vier weken gevolgd door een activiteitsperiode van één week, als gebrek aan werk te wijten is aan economische oorzaken
De reservemotor, dit wil zeggen waarvan de werking niet onmisbaar is voor de goede gang van zaken en die slechts werkt in uitzonderingsgevallen, voor zover zijn inwerkingstelling niet voor gevolg heeft dat de productie verhoogd wordt.
De wisselmotor, dit wil zeggen deze die uitsluitend bestemd is voor hetzelfde werk als een andere, welke het tijdelijk moet vervangen.
De reserve- en wisselmotoren kunnen aangewend worden om terzelfdertijd te werken als deze die normaal gebruikt worden gedurende de nodige tijd om de voortzetting van de productie te verzekeren.
Artikel 5
Volgende belastingplichtigen vrijgesteld van de belasting:
■ 1 januari 2021 voor het aanslagjaar 2026;
■ 1 januari 2022 voor het aanslagjaar 2027;
■ 1 januari 2023 voor het aanslagjaar 2028;
■ 1 januari 2024 voor het aanslagjaar 2029;
■ 1 januari 2025 voor het aanslagjaar 2030;
■ 1 januari 2026 voor het aanslagjaar 2031;
Artikel 6
Levert een onlangs geplaatste motor niet dadelijk het normaal rendement op omdat ermede aan te drijven installaties onvolledig zijn, dan wordt de niet gebruikte kracht aanzien als reservekracht, in zoverre zij 20 % van de in het vergunningsbesluit opgegeven kracht overtreft.
In dat geval is de aangegeven kracht slechts geldig voor drie maanden, en moet de aangifte om het kwartaal vernieuwd worden zolang deze uitzonderingstoestand duurt. Onder onlangs geplaatste motoren wordt verstaan deze waarvan de ingebruikstelling dateert van het voorgaande of van het voorlaatste jaar.
Artikel 7
Wanneer de motoren uit oorzaak van een ongeval niet meer in staat zijn om meer dan 80% van de geleverde kracht te verbruiken, wordt de belasting verrekend op de verbruikte kracht, op voorwaarde dat de gedeeltelijke activiteit minstens drie maanden duurt, en dat de beschikbare kracht niet voor andere doeleinden gebruikt wordt.
De gedeeltelijke buiten gebruikstelling moet binnen de acht dagen bericht worden aan het gemeentebestuur bij aangetekend schrijven of schriftelijk tegen ontvangstbewijs.
Artikel 8
Elke belastingplichtige is verplicht jaarlijks, vóór 30 september van het aanslagjaar, spontaan en schriftelijk aangifte te doen van:
● het totaal vermogen in kW van de verschillende motoren per vestigingseenheid en/of inrichting.
De telling van de belastbare elementen wordt gedaan door de beambten van het gemeentebestuur.
De belastingplichtigen zijn ertoe gehouden uiterlijk 30 september van het aanslagjaar aangifte te doen van de belastbare elementen van dat aanslagjaar. Het college van burgemeester en schepenen stelt hiertoe aangifteformulieren ter beschikking. Het niet ontvangen van een dergelijk aangifteformulier ontslaat de belastingplichtige niet van zijn aangifteplicht. De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen is ertoe gehouden om zelf een aangifteformulier op te vragen bij het gemeentebestuur en dit formulier uiterlijk op 30 september van het aanslagjaar aan het gemeentebestuur te bezorgen. Aangifteformulieren worden op verzoek kosteloos ter beschikking gesteld.
De belastingplichtige is er toe gehouden eventuele veranderingen of verplaatsingen van motoren in de loop van het jaar aan het gemeentebestuur bekend te maken
Nieuwe belastbare elementen die niet begrepen zijn in de aanvankelijke aangifte dienen aangegeven te worden uiterlijk 31 december van het aanslagjaar.
Artikel 9
Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte, kan de belastingplichtige ambtshalve belast worden volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.
Het gemeentebestuur is te allen tijde gerechtigd controle uit te oefenen met het oog op een correcte toepassing van deze reglementering.
Artikel 10
De overeenkomstig artikel 9 ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met
○ 10 % bij een eerste overtreding, met een maximum van 1.500 euro
○ 20 % bij een tweede overtreding
○ 50 % bij een derde en volgende overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.
Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.
Artikel 11
De bedragen van deze gemeentebelasting worden vanaf aanslagjaren 2027 telkens, op 1 januari van elk aanslagjaar aangepast aan de schommelingen van de index van de consumptieprijzen. Het geïndexeerd belastingbedrag zal worden afgerond naar een veelvoud van 10 cent. De aanpassingen en afrondingen gebeuren conform de volgende principes:
geïndexeerd belastingbedrag = R x I/i, waarbij:
R = tarief vastgesteld in artikel 1
I = index van september van het aan het aanslagjaar voorafgaand kalenderjaar
i = index van de maand september 2025
aangepast belastingbedrag = afgerond geïndexeerd belastingbedrag, waarbij:
- bedragen die eindigen op 1, 2, 3 of 4 eurocent worden afgerond naar het lagere veelvoud van 10 cent.
- bedragen die eindigen op 5, 6, 7, 8 of 9 eurocent worden afgerond naar het hogere veelvoud van 10 cent.
Artikel 12
De overtredingen vermeld in artikel 9 eerste lid worden vastgesteld door de beëdigde ambtenaren, aangewezen door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 13
De vestiging en de invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.”
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad besluit het reglement 'belasting op vergunningsplichtige inrichtingen, klasse 1: aanslagjaren 2026-2031' aan te passen. In artikel 3 wordt de termijn van de belastbare grond verduidelijkt en in artikel 5 wordt een passage m.b.t. de uiterste aangiftedatum opgenomen. Het aangepaste reglement luidt als volgt:
"Artikel 1
Met ingang van 1 maart 2026, en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een belasting gevestigd op land- en tuinbouwbedrijven, handels-, nijverheids- en recreatieondernemingen, evenals andere ondernemingen, instellingen en verenigingen die een als hinderlijk beschouwde inrichting van de eerste (1e) klasse exploiteren overeenkomstig de modaliteiten van het Vlaamse Reglement betreffende de Milieuvergunning (VLAREM).
De belasting is verschuldigd door de exploitant van de vergunningsplichtige onderneming of instelling. Ze wordt gevestigd per afzonderlijke inplanting die op het grondgebied van de gemeente gelegen is.
Indien een land- en tuinbouwbedrijf, handels-, nijverheids- en recreatieonderneming, evenals een andere onderneming, instelling en vereniging wordt geopend derwijze dat daarop gelijktijdig meer dan één indelingsrubriek van het Vlarem van toepassing is, dan is enkel de belasting voor de hoogste klasse van hinderlijkheid verschuldigd.
Artikel 2
Het bedrag van de jaarlijkse belasting wordt als volgt samengesteld:
3,08 euro per are bedrijfsvloeroppervlakte met een minimum van 90,41 euro. Elk gedeelte van een are wordt als één eenheid beschouwd. Worden echter van deze regeling uitgesloten: de industriële vetmesterijen en fokkerijen onafhankelijk van een landbouwbedrijf.
○ 0,13 euro per vierkante meter bedrijfsvloeroppervlakte van de onderneming met een minimumbelasting van:
○ 74,71 euro voor de inrichtingen die een bedrijfsvloeroppervlakte beslaan van max. 1.000 m²;
○ 298,84 euro voor de inrichtingen die een bedrijfsvloeroppervlakte beslaan van meer dan 1.000 m² tot 3.000 m²;
○ 672,39 euro voor de inrichtingen die een bedrijfsvloeroppervlakte beslaan van meer dan 3.000 m² tot 6.000 m²;
○ 1.343,54 euro voor de inrichtingen die een bedrijfsvloeroppervlakte beslaan van meer dan 6.000 m² tot 12.000 m²;
○ 2.389,38 euro voor de inrichtingen die een bedrijfsvloeroppervlakte beslaan van meer dan 12.000 m² tot 20.000 m².
○ Voor de inrichtingen waarvan de bedrijfsvloeroppervlakte meer bedraagt dan 20.000 m² zal de belasting berekend worden op basis van 0,13 euro per m² voor de eerste 20.000 m² en à rato van 0,06 euro per m² voor de schijf van de bedrijfsvloeroppervlakte boven de 20.000 m².
Als bedrijfsvloeroppervlakte komt de oppervlakte in aanmerking van de verschillende niveaus van het gebouw of de gebouwen, dienstig voor de uitbating van het aan vergunning onderworpen bedrijf, alsmede van het aanliggend terrein met inbegrip van alle aanhorigheden die met de exploitatie ervan een functionele band hebben, met uitsluiting van de weilanden en openluchtteelten, de woeste gronden of braakliggende industriegronden, de beboste terreinen en de niet-opgelegde groene zones (voor de opgelegde groene zones: zie vergunningsbesluit), de sportterreinen, de plantsoenen en de woning van de bedrijfsbeheerder of toezichter.
Artikel 3
De belasting wordt gevestigd op grond van de toestand tijdens het onmiddellijk aan het aanslagjaar voorafgaand kalenderjaar.
De bedrijven of ondernemingen die buiten werking geweest zijn gedurende het kalenderjaar dat het aanslagjaar voorafgaat, kunnen aanspraak maken op een proportionele vermindering van de belasting. Voor iedere volle maand inactiviteit zal een vermindering van 1/12 van het jaartarief toegestaan worden, op voorwaarde dat de data van de buitengebruikstelling en de wederingangstelling van het bedrijf bij aangetekend schrijven bericht werden aan het betrokken gemeentebestuur.
In afwijking van het eerste lid van onderhavig artikel zal, bij begin van een bedrijfsuitbating in de loop van het jaar, de belasting worden berekend volgens de duur van de exploitatie, naar rato van 1/12 van het jaartarief per maand. Elke begonnen maand zal als een volle maand worden aangerekend.
Deze bedrijven zullen aangeslagen worden op basis van de toestand die bestaat bij de inwerkingstelling. Indien echter op het einde van het jaar blijkt dat in het verlopen jaar de bedrijfsvloeroppervlakte van de inrichting verhoogd werd ten opzichte van de aanvankelijke terreinbezetting, zal voor deze oppervlaktevermeerdering een aanvullende belastingaanslag gevestigd worden, berekend overeenkomstig de schaal voorzien in artikel 2, naar rato van 1/12 van het jaartarief per maand. Elke begonnen maand zal als een volle maand aangerekend worden.
Artikel 4
De bedragen van deze gemeentebelasting worden vanaf aanslagjaar 2027 telkens op 1 januari van elk aanslagjaar aangepast aan de schommelingen van de index van de consumptieprijzen. Het geïndexeerd belastingbedrag zal worden afgerond op één eurocent. Evenwel, indien bij een stijging van de index van de consumptieprijzen het aangepast belastingbedrag, na afronding op één eurocent, lager zou uitkomen dan het oorspronkelijk tarief, blijft het tarief van het vorig aanslagjaar van toepassing.
De aanpassingen en afrondingen gebeuren conform de volgende principes:
geïndexeerd belastingbedrag = R x I/i, waarbij:
R = tarief vastgesteld in artikel 2
I = index van september van het aan het aanslagjaar voorafgaand kalenderjaar
i = index van de maand september 2025
aangepast belastingbedrag = het op één eurocent afgeronde geïndexeerde belastingbedrag.
Artikel 5
De belastingplichtigen zijn ertoe gehouden uiterlijk 31 mei van het aanslagjaar aangifte te doen van de belastbare elementen. Het college van burgemeester en schepenen stelt hiertoe aangifteformulieren ter beschikking. Het niet ontvangen van een dergelijk aangifteformulier ontslaat de belastingplichtige niet van zijn aangifteplicht. De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen is ertoe gehouden om zelf een aangifteformulier op te vragen bij het gemeentebestuur en dit formulier uiterlijk op 31 mei van het aanslagjaar aan het gemeentebestuur te bezorgen. Aangifteformulieren worden op verzoek kosteloos ter beschikking gesteld.
In geval van definitieve stopzetting van de bedrijfsactiviteiten moet hiervan binnen de maand aangifte worden gedaan bij vermelde dienst.
Artikel 6
Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte, kan de belastingplichtige ambtshalve belast worden volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.
Het gemeentebestuur is te allen tijde gerechtigd controle uit te oefenen met het oog op een correcte toepassing van deze reglementering.
Artikel 7
De overeenkomstig artikel 6 ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met
● 10% bij een eerste overtreding, met een maximum van 1.500 euro
● 20% bij een tweede overtreding
● 50% bij een derde en volgende overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.
Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.
Artikel 8
De overtredingen vermeld in artikel 6 eerste lid worden vastgesteld door de beëdigde ambtenaren, aangewezen door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 9
De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invorderingen en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen."
Artikel 2
Het aangepaste reglement treedt in werking op 1 maart 2026. Tot en met 28 februari 2026 blijft het reglement 'belasting op vergunningsplichtige inrichtingen, klasse 1: aanslagjaren 2026-2031', goedgekeurd in zitting van de gemeenteraad van 15 december 2025 integraal van kracht.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad besluit om de kosten voor standgeld en elektriciteit van de zondagmarkt van het tweede kwartaal van 2026 kwijt te schelden indien standhouders tijdens de maand maart 2026 een aanwezigheidsgraad van minstens 75% (een uitzondering voor extreme weersomstandigheden) behalen op de zondagmarkt.
Dit vormt een vrijstelling op de retributiereglementen “Retributie op standplaatsen markten en plaatsrechten op het openbaar domein: 2026-2031” en "Retributie op het gebruik van de gemeentelijke elektriciteitskasten: 2026-2031" die werden goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 15 december 2025.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt het volgende reglement goed:
Artikel1. Doel reglement
Om een levendig sociaal weefsel te versterken, ondersteunt de gemeente Mol erkende jeugdverenigingen met subsidies. Zo waardeert ze hun inzet voor actie, ontmoeting, betrokkenheid en sociale cohesie in de gemeente Mol. De subsidie helpt verenigingen hun werking verder te versterken en te laten groeien.
Artikel 2. Algemene voorwaarden
1.a.Enkelverenigingen,dieerkendzijnconformhet gemeenteraadsbesluitvan 15 december 2025,komenin aanmerking voor een subsidie.
1.b. Eenverenigingdievia ditreglementeensubsidie ontvangt,kanvoor eenzelfdeactiviteitofwerking geen aanspraak maken op andere subsidies van de gemeente of het OCMW Mol.
1.c.Ditreglementomvatdriesubsidievormen:basissubsidie, projectsubsidie en infrastructuursubsidie.Eenverenigingkan een aanvraag doen voor één of meerdere subsidievormen.
1.d. Desubsidiewordtenkeluitbetaaldopeen rekeningnummer verbondenaandevereniging.
1.e.Deverenigingverbindtzich ertoe deverkregensubsidietegebruikenvoorde basiswerking en/of projecten waarvoor de subsidie verkregen werd.
HOOFDSTUK BASISSUBSIDIE
Artikel3.Algemenevoorwaardenbasissubsidie
1.a.Debasissubsidieheeft alsdoel devereniging teondersteunenindeontplooiingvanhaar basiswerking.
1.b. Deverenigingkanslechtsbinnenééndomein (cultuur, jeugd, sport, …)eenbasissubsidieaanvraagindienen.
1.c.Deverenigingkanslechtsaanspraakmakenop basissubsidies,indienzijvoldoetaande instapvoorwaarden binnen het domein van jeugd.
1.d. Deverenigingdient haarbasissubsidieaanvraaginviadewebsitevan degemeenteMolvóór 15 oktober van het kalenderjaar waarvoor zij subsidies aanvraagt.
1.e.De basissubsidies worden verdeeld volgens een forfaitair systeem.
1.f. Hetcollegevan burgemeesterenschepenenkan steedsfinanciële bewijsstukkenopvragen om te controleren of de subsidies correct werden ingezet.
Artikel 4. Basissubsidies: domein jeugd
1.a.Definities:
● Lid:Elke persoonaangeslotenbij deaanvragendevereniging.
● Vorming: Extra scholing door middel van infosessies, webinars, congressen, ... waarbij begeleidersvaneenjeugdvereniginghunvaardighedenofkennisniveauuitbreiden.
● Koepelorganisatie: Een organisatie die meerdere jeugdverenigingen of jeugdhuizen overkoepelt en hen structureel ondersteunt via coördinatie, dienstverlening of belangenbehartiging.
1.b. Verenigingenvoldoenvoordebasissubsidiebinnendomeinjeugdaanvolgende voorwaarden per categorie:
Instapvoorwaarden om subsidies te mogen ontvangen in categorie A – F:
● Erkend zijn door de gemeente Mol.
● Rekeningnummer hebben op naam van de vereniging.
● Aangesloten zijn bij een koepelorganisatie in Vlaanderen.
● Beschikken over volgende verzekeringen voor haar leden: Burgerlijke aansprakelijkheid & lichamelijke ongevallen.
Categorie A: €1250
● De vereniging beschikt over minstens 20 leden.
● De vereniging heeft haar werking en lokaal op het grondgebied van Mol.
● De vereniging heeft minstens 1 begeleider.
Categorie B: €2500
● De vereniging beschikt over minstens 50 leden.
● De vereniging heeft haar werking en lokaal op het grondgebied van Mol.
● De vereniging heeft minstens 3 begeleiders met een animatorenattest of diploma lerarenopleiding.
● De vereniging organiseert jaarlijks een kamp met minstens 50% van de leden. Je zorgt zelf voor het transport van leden en materiaal.
Categorie C: €3250
● De vereniging beschikt over minstens 80 leden.
● De vereniging heeft een langdurige overeenkomst als beheerder van een lokaal of is eigenaar van een site en staat in voor het beheer.
● De vereniging heeft minstens 6 begeleiders met een animatorenattest of diploma lerarenopleiding.
● De vereniging organiseert jaarlijks een kamp met minstens 50% van de leden. Je zorgt zelf voor het transport van leden en materiaal.
● De vereniging haalde minstens 6u vorming het voorbije jaar. Hierbij komen de vormingen in aanmerking die georganiseerd worden door de gemeente of koepelorganisatie.
Categorie D: €4000
● De vereniging beschikt over minstens 120 leden.
● De vereniging heeft een langdurige overeenkomst als beheerder van een lokaal of is eigenaar van een site en staat in voor het beheer.
● De vereniging heeft minstens 10 begeleiders met een animatorenattest of diploma lerarenopleiding.
● De vereniging organiseert jaarlijks een kamp met minstens 50% van de leden. Je zorgt zelf voor het transport van leden en materiaal.
● De vereniging haalde minstens 10u vorming het voorbije jaar. Hierbij komen de vormingen in aanmerking die georganiseerd worden door de gemeente of koepelorganisatie.
Categorie E: €5000
● De vereniging beschikt over minstens 180 leden.
● De vereniging heeft een langdurige overeenkomst als beheerder van een lokaal of is eigenaar van een site en staat in voor het beheer.
● De vereniging heeft minstens 15 begeleiders met een animatorenattest of diploma lerarenopleiding.
● De vereniging organiseert jaarlijks een kamp met minstens 50% van de leden. Je zorgt zelf voor het transport van leden en materiaal.
● De vereniging haalde minstens 15u vorming het voorbije jaar. Hierbij komen de vormingen in aanmerking die georganiseerd worden door de gemeente of koepelorganisatie.
Instapvoorwaarden om subsidies te mogen ontvangen in categorie F:
● Erkend zijn door de gemeente Mol.
● Rekeningnummer hebben op naam van de vereniging.
● Beschikken over volgende verzekeringen voor haar leden: Burgerlijke aansprakelijkheid & lichamelijke ongevallen.
Categorie F: €750
● De vereniging beschikt over minstens 8 leden.
● De vereniging heeft haar werking en lokaal op het grondgebied van Mol.
● De vereniging organiseert jaarlijks minstens 3 activiteiten.
HOOFDSTUK PROJECTSUBSIDIES
Artikel 5.Projectsubsidies
5.1. Projectsubsidieshebbenalsdoelwaardevolleinitiatieventelatenontwikkelenenuittevoeren binnen een aantal thema’s, die aansluiten bij de doelstellingen van het lokaal bestuur Mol.
Projectsubsidies stimuleren projecten die buiten de reguliere werking van verengingen vallen. De projectsubsidiewileen toegevoegdewaardecreërenopdebasiswerkingvan devereniging en/ofvoor de samenleving in Mol.
1.a. Enkel erkende jeugdverenigingen kunnen intekenen op projectsubsidies.
1.b. De aanvragen voor projectsubsidies dienen ingediend te worden tegen 15 oktober.
1.c. Jaarlijks zal er een oproep gebeuren voor projecten binnen 2 thema’s. 1 thema dat voor langere tijd vast staat en 1 thema dat jaarlijks wisselt. Deze thema’s kunnen gelinkt worden aan de accenten van het meerjarenplan.
1.d. De thema’s worden geselecteerd op een overleg met de jeugd- en sportraad. De lijst van thema’s wordt opgemaakt vanuit de gemeente.
1.e. Eenverenigingkanmaximaaltweeprojectsubsidieaanvragenindienen en ontvangen perkalenderjaar.
1.f. Een projectsubsidie bedraagt 1000 euro per project.
1.g. Er wordt een selectiecommissie ingesteld met professionals uit jeugd en sport uit de omliggende gemeenten met 1 ambtelijke facilitator van Mol.
1.h. Deselectiecommissie beoordeeltdeingediendeprojectsubsidieaanvragen enkenterpuntenaantoe, conformde vooropgestelde beoordelingscriteria van dat jaar, waarna de projecten gerangschikt worden volgens behaalde punten.
1.i. Verenigingen die een projectsubsidie verworven hebben, moeten na afloop van het project hierover beknopt rapporteren.
1.j. Indien er misbruik vastgesteld of moedwillig geen project gerealiseerd wordt met de projectsubsidies dan mag de vereniging gedurende 2 jaar geen aanvraag meer indienen voor projectsubsidies.
HOOFDSTUK INFRASTRUCTUURSUBSIDIES
Artikel 6 Infrastructuursubsidie
Jeugdverenigingen kunnen financiële steun vragen voor infrastructurele werken die bedoeld zijn om de veiligheid of toegankelijkheid te verbeteren aan hun accommodatie.
Per infrastructuur/accommodatie kan er gedurende 6 jaar maximaal 15.000 euro ontvangen worden voor infrastructurele werken.
De infrastructuur moet gelegen zijn op het grondgebied van Mol en de vereniging is eigenaar of heeft een langdurig zakelijk recht.
De subsidie dient 75% te dekken van de gemaakte kosten. De overige 25% is financiering vanuit de jeugdvereniging.
De vereniging neemt verplicht deel aan controles van de gemeente.
Artikel 7 Budget
7.1. De basis- en projectsubsidies worden toegekend binnen de perken van het voorziene budget in het gemeentelijk meerjarenplan.
7.2. Indien het budget van de basissubsidie overschreden wordt dan wordt het vaste bedrag per categorie gelijkmatig verlaagd.
HOOFDSTUK AANVRAAG EN UITBETALING
Artikel 8.Aanvraagprocedure
8.1. Eengeldigesubsidieaanvraaggebeurt uitsluitendviaeenvolledig ingevuldonlineformulier,datter beschikking staat op de website. Indien dit nodig wordt geacht, neemt de gemeentelijke administratie contact op met de vereniging om de subsidieaanvraag verder te bespreken of bijkomende documenten op te vragen.
8.2. Degemeentebezorgt aandeverenigingeenbevestigingsmailterontvangstvande subsidieaanvraag.
8.3. Degemeentebrengt deverenigingbinnende 2 maanden,nadeadlinevanindieningvande subsidieaanvraag, uiterst op 15 december, op de hoogte van het al dan niet toekennen van de subsidie.
Artikel 9. Uitbetalingsprocedure
1.a.Nagoedkeuring doorhetcollegevanburgemeester enschepenenwordt desubsidie(basisen/of projectsubsidie) uitbetaald op het rekeningnummer van de vereniging. De vereniging verbindt zich ertoe elke wijziging van haar rekeningnummer onmiddellijk en schriftelijk mee te delen aan de gemeente.
1.b. Degemeentekanop elktijdstipeenverenigingvragenomvia denodige documentenaan te tonen dat de ingediende activiteiten voldoen aan de voorwaarden gesteld in dit reglement.
9.3. Indienblijktdatonjuistegegevens verstrektwerden,ofindiendesubsidievoorwaardennietworden nageleefd, kan het college van burgemeester en schepenen de toegekende subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren en/of terugvorderen van de vereniging in kwestie.
HOOFDSTUK SLOTBEPALINGEN
Artikel10.Betwistingen
Betwistingenbetreffendedetoepassingvanhetsubsidiereglementwordenaanhangiggemaaktbijhet college van burgemeester en schepenen, dat ter zake binnen de termijn van één maand een gemotiveerde beslissing neemt. De gemotiveerde betwisting moet ingediend worden via het online formulier op de gemeentelijke website.
Artikel 11. Wettelijke en reglementaire verplichtingen
Devereniginghandeltsteedsconformdewettelijkeenreglementaireverplichtingendie ophemen/of zijn activiteiten van toepassing zijn, en vrijwaart ter zake de gemeente Mol van elke verdere verantwoordelijkheid.
Artikel 12. Delegatie en rapportering
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd om, conform artikel 8.2 en 8.3, de thema’swaarrondprojectsubsidieaanvragenkunnenwordeningediendendebijhorendecriteriavast te stellen.
Artikel 13. Ingang reglement
Metingangvan23 februari 2026 kanaanerkendeMolse jeugdverenigingen eensubsidie toegekend worden volgens de criteria en procedure van dit reglement.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt het volgende reglement goed:
Artikel1. Doel reglement
Om een levendig sociaal weefsel te versterken, ondersteunt de gemeente Mol erkende sportverenigingen met subsidies. Zo waardeert ze hun inzet voor actie, ontmoeting, betrokkenheid en sociale cohesie in de gemeente Mol. De subsidie helpt verenigingen hun werking verder te versterken en te laten groeien.
Artikel 2. Algemene voorwaarden
1.a.Enkelverenigingen,dieerkendzijnconformhet gemeenteraadsbesluitvan 15 december 2025,komenin aanmerking voor een subsidie.
1.b. Eenverenigingdievia ditreglementeensubsidie ontvangt,kanvoor eenzelfdeactiviteitofwerking geen aanspraak maken op andere subsidies van de gemeente of het OCMW Mol.
1.c.Ditreglementomvattweesubsidievormen:basissubsidieenprojectsubsidie.Eenverenigingkan een aanvraag doen voor één subsidievorm of voor beide subsidievormen.
1.d. Desubsidiewordtenkeluitbetaaldopeen rekeningnummer verbondenaandevereniging.
1.e.Deverenigingverbindtzich ertoe deverkregensubsidietegebruikenvoorde basiswerking en/of projecten waarvoor de subsidie verkregen werd.
HOOFDSTUK BASISSUBSIDIE
Artikel3.Algemenevoorwaardenbasissubsidie
1.a.Debasissubsidieheeft alsdoel devereniging teondersteunenindeontplooiingvanhaar basiswerking.
1.b. Deverenigingkanslechtsbinnenééndomein (cultuur, jeugd, sport, …)eenbasissubsidieaanvraagindienen.
1.c.Deverenigingkanslechtsaanspraakmakenop basissubsidies,indienzijvoldoetaande instapvoorwaarden binnen het domein sport.
1.d. Deverenigingdient haarbasissubsidieaanvraaginviadewebsitevan degemeenteMolvóór 15 oktober van het kalenderjaar waarvoor zij subsidies aanvraagt.
1.e.De basissubsidies worden verdeeld volgens een forfaitair systeem.
1.f. Hetcollegevan burgemeesterenschepenenkan steedsfinanciële bewijsstukkenopvragen teneinde te controleren of de subsidies correct werden ingezet.
Artikel 4. Basissubsidies: domein sport
1.a.Definities:
● Lid:Elke persoonaangeslotenbij deaanvragendeverenigingen gekendbij de aangesloten koepelorganisatie of steunpunt.
● Jeugdlid:Elkliddatjonger isdan 18jaarop1januarivanhetkalenderjaar wanneer de subsidies worden aangevraagd.
● VTS:VlaamseTrainersschool: Officiële opleidingsinstantie voor trainers, lesgevers en coaches in Vlaanderen. Ze biedt gekwalificeerde sportopleidingen aan in samenwerking met sportfederaties en onderwijsinstellingen. Een sportclub waar trainers een VTS-diploma hebben, garandeert dus vaak een meer professionele begeleiding.
● VTS-gekwalificeerde trainer: Alle personen die in het bezit zijn van een VTS-diploma dat op de recentste referentietabel van de VTS staat; of in het bezit zijn van een diploma of getuigschrift dat op basis van de meest recente VTS-assimilatietabel gelijkgesteld werd met één van de diploma’s vermeld op de referentietabel VTS.
● Bijscholing: Extra scholing door middel van infosessies, webinars, congressen, ... waarbij trainersen/ofbestuurdersvaneensportvereniginghunvaardighedenofkennisniveauuitbreiden die relevant is voor de werking die ze aanbieden.
● Koepelorganisatie of steunpunt: Een organisatie die meerdere sportverenigingen of sportactoren overkoepelt en hen structureel ondersteunt via coördinatie, dienstverlening of belangenbehartiging. Een sportfederatie is een voorbeeld van een koepelorganisatie.
4.2. Verenigingenvoldoenvoordebasissubsidiebinnendomeinsportaanvolgende voorwaarden per categorie:
Instapvoorwaarden om subsidies te mogen ontvangen
● Erkend zijn door de gemeente Mol.
● Rekeningnummer hebben op naam van de vereniging.
● Aangesloten zijn bij een koepelorganisatie of steunpunt in Vlaanderen.
● Beschikken over volgende verzekeringen voor haar leden: Burgerlijke aansprakelijkheid & lichamelijke ongevallen.
Categorie A – Brons: €300
● De vereniging beschikt over minstens 20 leden.
● De vereniging sport op een fysieke plek in Mol.
● De vereniging organiseert jaarlijks minstens 10 dagen een sportactiviteit voor eigen leden.
● De vereniging beschikt over minstens 1 trainer/begeleider.
Categorie B – Zilver: €1500
● De vereniging beschikt over minstens 50 leden waarvan minstens 20 jeugdleden.
● De vereniging sport op een fysieke plek in Mol.
● De vereniging organiseert jaarlijks minstens 40 dagen een sportactiviteit voor eigen leden & 1 sportactiviteit voor niet-leden.
● De vereniging beschikt over minstens 1 VTS-gekwalificeerde trainer met een sportspecifiek diploma.
Categorie C – Goud: €3000
● De vereniging beschikt over minstens 100 leden waarvan minstens 50 jeugdleden.
● De vereniging huurt sportinfrastructuur van de gemeente of private partner of beschikt over een eigen site.
● De vereniging organiseert jaarlijks minstens 120 dagen een sportactiviteit voor eigen leden & 2 sportactiviteit voor niet-leden.
● De vereniging beschikt over minstens 5 VTS-gekwalificeerde trainers met een sportspecifiek diploma.
● De vereniging haalde minstens 30u bijscholing het voorbije jaar die relevant is voor de werking die ze aanbieden.
Categorie D – Diamant: €6000
● De vereniging beschikt over minstens 200 leden waarvan minstens 100 jeugdleden.
● De vereniging heeft een langdurige overeenkomst als beheerder van een sportsite of is eigenaar van een site en staat in voor het beheer.
● De vereniging organiseert jaarlijks minstens 200 dagen een sportactiviteit voor eigen leden & 4 sportactiviteit voor niet-leden.
● De vereniging beschikt over minstens 10 VTS-gekwalificeerde trainers met een sportspecifiek diploma waarvan minstens 2 trainers B.
● De vereniging haalde minstens 80u bijscholing het voorbije jaar die relevant is voor de werking die ze aanbieden.
HOOFDSTUK PROJECTSUBSIDIES
Artikel 5.Projectsubsidies
5.1. Projectsubsidieshebbenalsdoelwaardevolleinitiatieventelatenontwikkelenenuittevoeren binnen een aantal thema’s, die aansluiten bij de doelstellingen van het lokaal bestuur Mol.
Projectsubsidies stimuleren projecten die buiten de reguliere werking van verengingen vallen. De projectsubsidiewileen toegevoegdewaardecreërenopdebasiswerkingvan devereniging en/ofvoor de samenleving in Mol.
5.2. Enkel erkende sportverenigingen kunnen intekenen op projectsubsidies.
1.a. De aanvragen voor projectsubsidies dienen ingediend te worden tegen 15 oktober.
1.b. Jaarlijks zal er een oproep gebeuren voor projecten binnen 2 thema’s. 1 thema dat voor langere tijd vast staat en 1 thema dat jaarlijks wisselt. Deze thema’s kunnen gelinkt worden aan de accenten van het meerjarenplan.
1.c. De thema’s worden geselecteerd op een overleg met de jeugd- en sportraad. De lijst van thema’s wordt opgemaakt vanuit de gemeente.
1.d. Eenverenigingkanmaximaaltweeprojectsubsidieaanvragenindienen en ontvangen perkalenderjaar.
1.e. Een projectsubsidie bedraagt 1000 euro per project.
1.f. Er wordt een selectiecommissie ingesteld met professionals uit jeugd en sport uit de omliggende gemeenten met 1 ambtelijke facilitator van Mol.
1.g. Deselectiecommissie beoordeeltdeingediendeprojectsubsidieaanvragen enkenterpuntenaantoe, conformde vooropgestelde beoordelingscriteria van dat jaar, waarna de projecten gerangschikt worden volgens behaalde punten.
1.h. Verenigingen die een projectsubsidie verworven hebben, moeten na afloop van het project hierover beknopt rapporteren.
1.i. Indien er misbruik vastgesteld of moedwillig geen project gerealiseerd wordt met de projectsubsidies dan mag de vereniging gedurende 2 jaar geen aanvraag meer indienen voor projectsubsidies.
Artikel 6 Budget
6.1. De basis- en projectsubsidies worden toegekend binnen de perken van het voorziene budget in het gemeentelijk meerjarenplan.
6.2. Indien het budget van de basissubsidie overschreden wordt dan wordt het vaste bedrag per categorie gelijkmatig verlaagd.
HOOFDSTUK AANVRAAG EN UITBETALING
Artikel 7.Aanvraagprocedure
1.a.Eengeldigesubsidieaanvraaggebeurt uitsluitendviaeenvolledig ingevuldonlineformulier,datter beschikking staat op de website. Indien dit nodig wordt geacht, neemt de gemeentelijke administratie contact op met de vereniging om de subsidieaanvraag verder te bespreken of bijkomende documenten op te vragen.
1.b.Degemeentebezorgt aandeverenigingeenbevestigingsmailterontvangstvande subsidieaanvraag.
1.c.Degemeentebrengt deverenigingbinnende 2 maanden,nadeadlinevanindieningvande subsidieaanvraag, op de hoogte van het al dan niet toekennen van de subsidie.
Artikel 8. Uitbetalingsprocedure
1.a.Nagoedkeuring doorhetcollegevanburgemeester enschepenenwordt desubsidie(basisen/of projectsubsidie) uitbetaald op het rekeningnummer van de vereniging. De vereniging verbindt zich ertoe elke wijziging van haar rekeningnummer onmiddellijk en schriftelijk mee te delen aan de gemeente.
1.b. Degemeentekanop elktijdstipeenverenigingvragenomvia denodige documentenaan te tonen dat de ingediende activiteiten voldoen aan de voorwaarden gesteld in dit reglement.
1.c.Indienblijktdatonjuistegegevens verstrektwerden,ofindiendesubsidievoorwaardennietworden nageleefd, kan het college van burgemeester en schepenen de toegekende subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren en/of terugvorderen van de vereniging in kwestie.
HOOFDSTUK SLOTBEPALINGEN
Artikel9.Betwistingen
Betwistingenbetreffendedetoepassingvanhetsubsidiereglementwordenaanhangiggemaaktbijhet college van burgemeester en schepenen, dat ter zake binnen de termijn van één maand een gemotiveerde beslissing neemt. De gemotiveerde betwisting moet ingediend worden via het online formulier op de gemeentelijke website.
Artikel 10. Wettelijke en reglementaire verplichtingen
Devereniginghandeltsteedsconformdewettelijkeenreglementaireverplichtingendie ophemen/of zijn activiteiten van toepassing zijn, en vrijwaart ter zake de gemeente Mol van elke verdere verantwoordelijkheid.
Artikel 11. Delegatie en rapportering
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd om de thema’swaarrondprojectsubsidieaanvragenkunnenwordeningediendendebijhorendecriteriavast te stellen.
Artikel 12. Ingang reglement
Metingangvan23 februari 2026 kan aanerkendeMolse sportverenigingen eensubsidie toegekend worden volgens de criteria en procedure van dit reglement.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt het reglement goed:
Subsidiereglement aanmoedigingspremie verhuurders woonmaatschappij 2026-2031
Artikel 1: Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
1° Woning: elk onroerend goed of het deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande, gelegen op grondgebied van de gemeente Mol. De woning voldoet aan de gewestelijke kwaliteitsnormen overeenkomstig artikel 3.1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2° Woonmaatschappij: autonome vennootschap die is erkend en gesubsidieerd door de Vlaamse overheid en actief op het grondgebied van de gemeente Mol.
3° Verhuurder: de houder van het zakelijk recht op de woning die het mandaat heeft om de woning te verhuren en geen rechtspersoon, openbaar bestuur of woonmaatschappij is.
Artikel 2: Aanmoedigingspremie
§1 Doel:
Uitbreiding van het betaalbare en kwalitatieve huuraanbod op het grondgebied van Mol.
§2 Voorwaarden:
1° De verhuurder verhuurt de woning voor de 1ste keer aan de woonmaatschappij voor een periode van 9 jaar. Indien de verhuurder het huurcontract vroegtijdig beëindigt binnen een periode van 5 jaar na ondertekening van het huurcontract, betaalt hij het volledige bedrag van de premie terug, conform artikel 177 van het decreet lokaal bestuur.
2° De premie kan door dezelfde verhuurder voor eenzelfde woning een 2de maal aangevraagd worden indien een nieuw huurcontract wordt afgesloten met de woonmaatschappij voor een periode van 9 jaar.
3° Indien de verhuurder voor de 1ste keer verhuurt aan de woonmaatschappij en opteert een huurcontract af te sluiten voor 3 jaar, wordt slechts een derde van het in §4 vermelde premiebedrag uitgekeerd.
Indien dit 3-jarig huurcontract, overeenkomstig artikel 21, § 1 van het Vlaams Woninghuurdecreet, wordt voortgezet als zijnde een contract dat van bij aanvang werd gesloten voor een periode van 9 jaar, kan de verhuurder pas na afloop van deze 9 jaar en voor zover een nieuw huurcontract wordt afgesloten met de woonmaatschappij voor een periode van 9 jaar, voor deze woning een 2de maal de premie aanvragen, ditmaal voor het volledige bedrag. In deze situatie kan de verhuurder geen beroep meer doen op §2, 2°.
§3 Aanvraag:
De aanvraag wordt ingediend door de verhuurder aan de hand van het daartoe bestemde aanvraagformulier, en dit uiterlijk 6 maanden na ondertekening van het huurcontract.
§4 Premiebedrag:
De toegekende premie is afhankelijk van het type woning en wordt per aanvraag eenmaal uitgekeerd:
– Studio: 1.200 euro
– Appartement met 1 slaapkamer: 1.200 euro;
– Appartement met 2 slaapkamers: 1.250 euro;
– Appartement met 3 of meer slaapkamers: 1.500 euro;
– Woning met 1 slaapkamer: 1.200 euro;
– Woning met 2 slaapkamers: 1.500 euro;
– Woning met 3 of meer slaapkamers: 2.000 euro.
Artikel 3: Goedkeuring en uitbetaling
De premie wordt toegekend in volgorde van aanvraagdatum en binnen de perken van het daartoe in het meerjarenplan voorziene krediet. De aanvrager ontvangt een beslissing van het college van burgemeester en schepenen binnen de 60 dagen na de aanvraag. Bij goedkeuring, gebeurt de uitbetaling binnen de 90 dagen na deze beslissing.
Artikel 4: Controle en sanctie
Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd om alle onderzoeken te laten verrichten om de verstrekte gegevens te controleren. De aanvrager die de controle tegenwerkt, onjuiste informatie of verklaringen verschaft of de voorwaarden niet naleeft, wordt de premie geweigerd. Reeds uitbetaalde premies worden eventueel gedeeltelijk of geheel teruggevorderd, conform artikel 177 van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikel 5: Verval
Alle ten aanzien van de gemeente Mol aangegane verbintenissen vervallen van rechtswege bij overlijden van de premieaanvrager of bij onteigening.
Artikel 6: Uitvoering
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit reglement.
Artikel 7: Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking na goedkeuring op de gemeenteraad.
Liesbet Lommelen Chris Xhenseval Emiel Ruts Griet Van Hecken Ann Smeyers Hilde Valgaeren Jan Vangheel Tomas Sergooris Maria Belmans Greet Van Tiggelen Mick Vanlimbergen Jens Timmermans Laurens Moubax Hanne Paepen Wim Caeyers Sofie Molenberghs Frederik Loy Lisette Heuvelmans Stef Vandycke Lieve Heurckmans Hans De Groof Zehra Ünlü Cindy Dexters Lander Geyzen Ward Buyens Lotte Vreys Wendy Soeffers Koen Van Gompel Marc Sannen Paul Vanhoof Liesbet Lommelen Chris Xhenseval Emiel Ruts Griet Van Hecken Ann Smeyers Hilde Valgaeren Jan Vangheel Tomas Sergooris Maria Belmans Greet Van Tiggelen Mick Vanlimbergen Jens Timmermans Hanne Paepen Wim Caeyers Sofie Molenberghs Frederik Loy Lisette Heuvelmans Stef Vandycke Lieve Heurckmans Hans De Groof Zehra Ünlü Cindy Dexters Lander Geyzen Ward Buyens Lotte Vreys Wendy Soeffers Koen Van Gompel Marc Sannen Paul Vanhoof Ann Smeyers Marc Sannen Stef Vandycke Wim Caeyers Cindy Dexters Mick Vanlimbergen Ward Buyens Hilde Valgaeren Sofie Molenberghs Jens Timmermans Emiel Ruts Lieve Heurckmans Hanne Paepen Chris Xhenseval Maria Belmans Jan Vangheel Hans De Groof Griet Van Hecken Greet Van Tiggelen Wendy Soeffers Lotte Vreys Lisette Heuvelmans Frederik Loy Zehra Ünlü Liesbet Lommelen Koen Van Gompel Lander Geyzen Paul Vanhoof Tomas Sergooris aantal voorstanders: 23 , aantal onthouders: 6 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad volgt het advies van de GECORO aangaande de behandeling van de adviezen en bezwaren.
Artikel 2
De gemeenteraad stelt het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) 'Uitbreiding Kempense Golf Club en Stortplas' met bijhorend plan-MER definitief vast.
Artikel 3
Het dossier wordt overgemaakt aan de deputatie en aan de Vlaamse Regering via het DSI.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de zaak van de wegen met een gratis grondafstand van 76 m² goed.
Besluit
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de zaak van de wegen, waarbij een strook grond van 2a60ca ingelijfd wordt bij het openbaar domein, goed.
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de ontwerpakte verkoop opgesteld door notaris Hervé De Graef uit Mol. Een deel van het perceel gelegen langs de Belsebaan in Balen, 1ste afdeling, sectie E, nr. 219H, met een oppervlakte van 27,5 m², wordt aan Fluvius verkocht voor de oprichting van een distributiecabine. Tevens wordt er een erfdienstbaarheid gevestigd op een strook van dit perceel, eigendom van de gemeente Mol, voor de plaatsing en onderhoud van de ondergrondse leidingen. Lot HS en de erfdienstbaarheid staan aangeduid op het opmetingsplan opgesteld door landmeter-expert Stef Neefs op 3 juni 2025.
Artikel 2
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de voorwaarden opgenomen in de ontwerpakte opgesteld door notaris Hervé De Graef uit Mol.
Artikel 3
Aan de algemene administratie van de patrimoniumdocumentatie wordt ontslag verleend om bij de overschrijving van deze akte ambtshalve een hypothecaire inschrijving te nemen.
Artikel 4
De financieel directeur wordt gemachtigd kwijting te geven voor de koopsom.
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad is akkoord om de percelen (lot I bis en II bis), gelegen in Mol, 3de afdeling, sectie E, nr. 1483L, met een oppervlakte van 74ca, en nr. 1483H, met een oppervlakte 1a56ca, kosteloos in te lijven in het gemeentelijk openbaar domein. Loten I bis en II bis staan aangeduid op het opmetingsplan opgesteld door landmeter-expert Hus op 21 juni 1971.
Artikel 2
De gemeenteraad keurt de voorwaarden opgenomen in de ontwerpakte, opgesteld door notaris Sofie Vanhoutteghem uit Mol, goed.
Artikel 3
De gratis grondafstand gebeurt om reden van openbaar nut, ter realisatie van een gedeelte van de rooilijn.
Artikel 4
Aangezien deze overdracht gebeurt voor algemeen nut, zijnde de inlijving in het gemeentelijk openbaar domein, wordt er vrijstelling van registratierechten gevraagd.
Artikel 5
Aan de algemene administratie van de patrimoniumdocumentatie wordt ontslag verleend om bij de overschrijving van deze akte ambtshalve een hypothecaire inschrijving te nemen.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad hecht goedkeuring aan het afsluiten van volgende "Samenwerkingsovereenkomst Ecodemotuin" tussen Velt vzw en het gemeentebestuur:
Artikel 1 – recht van gebruik
De gemeente Mol geeft in gebruik aan de gebruikers de percelen gelegen in Mol, 3de afdeling, sectie E, nr. 95f en nr. 98d, respectievelijk 31a05ca en 12a10ca groot, gelegen achter het containerpark van Millegem zoals aangeduid op het plan in bijlage 1.
Artikel 2 – bestemming
Het in gebruik gegeven terrein wordt bestemd als ecologische demonstratietuin volgens de principes zoals uiteengezet in de overwegende bepalingen bij deze overeenkomst.
Elke wijziging van gebruik zal eerst besproken worden met de gemeente.
Artikel 3 – vergoeding
Voor het gebruik van het terrein is geen vergoeding verschuldigd omdat het gebruik kadert binnen het gemeentelijke beleid en een maatschappelijke meerwaarde creëert.
Artikel 4 – engagement van de gebruikers
De gebruikers engageren zich de Ecodemotuin samen met de gemeentelijke diensten te beheren volgens de principes van VELT vzw. Verantwoorde het onderhoud dient te gebeuren met ecologisch verantwoorde materialen en middelen. Wanneer er structurele wijzigingen gebeuren op het terrein dient dit steeds in overleg met de gemeente te gebeuren.
Het gebruik van fytofarmaceutische producten of chemische mest- en hulpstoffen wordt onder geen enkele voorwaarde toegestaan.
Het terrein mag niet gebruikt worden voor het stockeren van materialen, andere dan deze die absoluut noodzakelijk zijn voor de bestemming.
De gebruikers participeren aan en initiëren projecten op het terrein met een educatief en ecologisch doel.
De gebruikers maken onderling en met de gemeente afspraken over het gebruik, beheer en onderhoud van het terrein.
Elke gebruiker die het terrein betreedt is verantwoordelijk voor het correct openen en sluiten van de poort.
Op het terrein mogen geen permanente constructies worden gebouwd zonder voorafgaande toelating door de gemeente.
Jaarlijks vindt er een overleg plaats tussen de betrokken partijen dat doorgaat in het 4de kwartaal. Hierin wordt het doel, beheer, gebruik, budgettering en planning van de activiteiten in de tuin besproken.
Wanneer er planten moeten besteld worden om de tuinen te vernieuwen dient deze plantenlijst aan de gemeente bezorgd te worden ten laatste op 1 juli voorafgaande het plantseizoen van dat jaar.
In overleg kunnen initiatieven van het gemeentebestuur in de Ecodemotuin door de gebruikers ondersteund worden wanneer deze aansluiten bij de doelstellingen van de gebruikers.
De gebruikers gaan maximaal in op vragen van scholen en groepen wanneer deze de Ecodemotuin willen bezoeken.
Artikel 5 – engagement van de gemeente
Het volgende beheer zal door de gemeente gebeuren:
● Onkruidvrij houden van de (half-) verharde paden op een ecologische manier, dit volgens het beeldkwaliteitsplan (bijlage 2);
● Maaien van de grasmatten volgens het beeldkwaliteitsplan (bijlage 2);
● Scheren van de hagen 2 maal per jaar.
Het groenonderhoud zal gebeuren wanneer dit in de planning past van de gemeentelijke diensten. Er kan geen afroep gebeuren van groenonderhoud door de gebruikers.
Er wordt gezorgd dat er zeker een onderhoudsbeurt gepland staat voor het eerste weekend van juni (open tuinendag Velt).
Het eerste gedeelte van de Ecodemotuin wordt door de gemeente gebruikt als tijdelijke opslagplaats voor het leveren van plantgoed. Het inlegeren van planten gebeurd op deze locatie.
De gemeente zorgt voor een ondersteuning ten behoeve van de gebruikers onder de vorm van ondersteuning, planten en middelen zodat de gebruikers hun engagement kunnen nakomen.
De gemeente stelt een budget van maximaal 1.500,00 euro jaarlijks ter beschikking dat gebruikt mag worden door de gebruikers in functie van het goede beheer van de Ecodemotuin. Hierbij een niet limitatieve opsomming van materialen welke aangekocht kunnen worden (meststoffen, planten, kippeneten, brandstof, …).
Artikel 6 – openstellen van de tuinen
De tuinen zijn publiekelijk toegankelijk wanneer de gebruikers ter plaatse zijn. Er dient steeds een verantwoordelijke van de gebruikers ter plaatse te zijn wanneer de tuinen publiekelijk toegankelijk zijn.
Openingsuren van de Ecodemotuin:
● Van 1 maart tot 15 april – elke zaterdag – van 10 tot 12 uur
● Van 16 april tot 31 augustus - elke vrijdag – van 19 tot 21 uur
● Van 1 september tot 31 oktober - elke zaterdag – van 10 tot 12 uur
Elke vorm van schade aangebracht door derden tijdens dat de tuinen opengesteld zijn, wordt verhaald op de gebruikers.
De gebruikers zullen de gemeente onmiddellijk verwittigen indien er schade is aan het terrein door derden. De gebruikers zullen niet persoonlijk aansprakelijk gesteld worden voor de ontstane schade.
De Ecodemotuin mag in geen enkel geval gebruikt worden voor commerciële of professionele doelstellingen van welke aard ook.
De gemeente moet niet aanwezig zijn wanneer de tuinen opengesteld zijn voor het publiek.
De gebruikers mogen de Ecodemotuin noch geheel of gedeeltelijk in gebruik geven aan derden.
Artikel 7 – duurtijd van de overeenkomst
Deze overeenkomst neemt een aanvang op 1 maart 2026. De overeenkomst wordt jaarlijks stilzwijgend verlengd.
Elke partij kan de overeenkomst op elk moment opzeggen mits het in acht nemen van een opzegtermijn. Bij verbreking van de overeenkomst moet er steeds een opzegtermijn van 1 jaar in acht genomen worden. Dit gerekend vanaf de datum van beslissing van het college.
De overeenkomst zal jaarlijks stilzwijgend worden verlengd.
De gemeente heeft het recht om de overeenkomst eenzijdig zonder opzegtermijn, zonder ingebrekestelling en zonder recht op schadevergoeding op te zeggen ten aanzien van één of meerdere gebruikers, indien de voorwaarden van deze overeenkomst manifest geschonden worden.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt het addendum, de doelstellingen en steracties in het kader van de actualisatie van het Energie- en klimaatactieplan, conform de vereisten van het Burgemeestersconvenant 2030 en de drie pijlers (mitigatie, adaptatie en energiearmoede) goed:
1. Mitigatie: Vermindering van de uitstoot van broeikasgassen
Steracties:
● We bouwen een nieuw jeugdhuis met een aantrekkelijk ingerichte buitenruimte, waar ook het Mols OverKop-huis een plek krijgt. Jongeren vinden er ruimte voor ontmoeting, vrije tijd en laagdrempelige ondersteuning.
● We verduurzamen ons wagenpark en materieel door in te zetten op energie-efficiënte en milieuvriendelijke alternatieven.
● We maken samen met inwoners en partners een nieuw mobiliteitsplan op dat inzet op duurzame verplaatsingen, leefbare woonkernen en een vlotte bereikbaarheid van alle gehuchten.
2. Adaptatie: Veerkracht versterken
Doelstellingen
Verfijning van reeds bestaande doelstellingen na feedback op de rapportage in het kader van het Burgemeestersconvenant. Voorstel om deze integraal over te nemen.
Steracties:
● We realiseren de herontwikkeling van de sportsite Donk tot een duurzame, gedeelde en toekomstgerichte sportomgeving, in samenwerking met sportclubs en met aandacht voor asbestsanering, ontharding, waterbuffering en groen.
● We ontwikkelen een visie op verdichting en vergroening om wonen in het centrum aantrekkelijker te maken. Indien nodig passen we het RUP Centrum aan om deze visie in de praktijk te brengen.
● We leggen Hofstede opnieuw aan met veilige fietspaden, een gescheiden rioleringsstelsel en een heringericht kruispunt met de Nijverheidsstraat, voor een vlotte en veilige west-circulatie rond het centrum.
3. Energiearmoede verlichten
Doelstellingen
Steractie:
● We nemen als gemeente een regierol op in een kwaliteitsvol en betaalbaar woningaanbod, en volgen actief de aanvragen voor conformiteitsattesten op om de woonkwaliteit van (oudere) huurwoningen te bewaken.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt volgende samenwerkingsovereenkomst goed:
Artikel 1 – Doel en voorwerp van de overeenkomst
Deze overeenkomst regelt de samenwerking tussen de gemeente Mol en vzw Ons Huis, erkend als Vereniging waar Armen het Woord nemen (VWWM). Doel is het versterken van het lokale en bovenlokale armoedebeleid, de participatie van mensen in armoede en de toegankelijkheid van rechten en diensten.
Concreet voor de samenwerking tussen de gemeente en Ons Huis betekent dit dat vzw Ons Huis een actieve bijdrage levert aan de samenwerkingsvormen, zoals omschreven in artikel 2, en middels haar ekenningscriteria vanuit het Vlaamse armoededecreet een bijdrage levert aan het lokale armoedebeleid.
Artikel 2 – Algemene principes van samenwerking
De samenwerking steunt op: (a) wederzijds respect; (b) autonomie van zowel de vereniging als het lokaal bestuur; (c) erkenning van ervaringsdeskundigheid van mensen in armoede; en (d) een gelijkwaardig partnerschap tussen beleid en middenveld.
De organisatie van de jaarlijkse Dag van Verzet tegen Armoede (17 oktober) valt buiten deze overeenkomst en wordt in het bestaande samenwerkingsverband vanuit ILV Baldemore opgenomen.
Artikel 3 – Verantwoordelijkheden van de gemeente Mol
De gemeente Mol organiseert overlegkanalen waarlangs de samenwerking vorm krijgt in dialoog. Concreet:
● Halfjaarlijks lokaal overleg armoede. Vanuit de gemeente worden minstens uitgenodigd: de schepen van armoede, het lokaal aanspreekfiguur armoede en het afdelingshoofd van de sociale dienst. Andere betrokkenen (bv. manager ILV Baldemore, teamcoach Huis van het Kind) kunnen op basis van de agenda worden uitgenodigd. Daarnaast wordt minstens een afvaardiging van Ons Huis, MIN Mol, Actie Min Mol en Inloopcentrum De Passage (CAW De Kempen) uitgenodigd. In dit overleg staan centraal: opvolging van het lokaal armoedebeleid; delen van collectieve aandachtspunten; planning en evaluatie van initiatieven; ontwikkeling van samenwerking; en het opzetten van initiatieven voor participatie van mensen in armoede.
● Jaarlijks plaatsbezoek van de gemeente aan prioritaire partners. Minstens de schepen van armoede en het lokaal aanspreekfiguur armoede zijn aanwezig. Tijdens het bezoek worden de overeenkomst en de samenwerkingsafspraken geëvalueerd.
● Tweejaarlijks inleefmoment rond armoede voor medewerkers van de gemeentelijke welzijnsdiensten. Doel: medewerkers leren de werking van lokale armoedeorganisaties kennen en medewerkers/vrijwilligers van lokale armoedeorganisaties maken kennis met de gemeentelijke welzijnsdiensten.
● Tweejaarlijks armoedeforum, vrij toegankelijk voor het brede publiek. Telkens wordt een armoedethema uitgediept. Actoren die professioneel of vrijwillig met armoede te maken hebben worden uitgenodigd. Doel: inzichten en goede praktijken uitwisselen en samenwerking organiseren rond concrete lokale verbeteringen. Na elk forum wordt gestreefd naar de oprichting van minstens één werkgroep die werkt aan een concrete realisatie binnen het lokaal armoedebeleid.
Artikel 4 – Verantwoordelijkheden van Ons Huis
Ons Huis is Vlaams erkend als Vereniging waar Armen het Woord nemen en ontvangt daarvoor financiële ondersteuning van de Vlaamse overheid. Deze overeenkomst verankert lokale engagementen in lijn met de Vlaamse criteria. Ons Huis is ook erkend als welzijnsschakel. Concreet verwacht de gemeente Mol dat Ons Huis:
● Haar verplichtingen als erkende vereniging waar armen het woord nemen nakomt, overeenkomstig de zes criteria uit het Vlaamse decreet betreffende de armoedebestrijding (21 maart 2003).
● Actief deelneemt aan het lokaal overleg armoede, het jaarlijkse plaatsbezoek, het tweejaarlijks inleefmoment en het tweejaarlijks armoedeforum.
● Het pand aan de Bresserdijk 4 (erfpacht van de gemeente) beheert als een voorzichtig en redelijk persoon.
Artikel 5 – Financiële afspraken
Ons Huis ontvangt van de gemeente Mol, op basis van de engagementen in artikel 4, een jaarlijkse basisbijdrage van € 1.000.
Daarnaast kan Ons Huis aanspraak maken op een bijkomende bijdrage van tweemaal € 1.000, wanneer een concrete samenwerking met de gemeente wordt uitgevoerd die (i) kadert in de zes criteria waaraan Ons Huis moet voldoen en (ii) past binnen de doelstellingen van het meerjarenplan van de gemeente Mol. De concrete afspraken worden jaarlijks afgestemd tussen de voorzitter en coördinator van Ons Huis en de schepen van armoede en het lokaal aanspreekfiguur armoede van de gemeente Mol, en als jaarlijkse bijlage toegevoegd aan deze overeenkomst.
De gemeentelijke bijdrage wordt in het eerste kwartaal van het jaar uitbetaald na besluit van het college van burgemeester en schepenen, of binnen de maand na ingediende verantwoording van het voorgaande jaar door Ons Huis. Ons Huis bezorgt jaarlijks een inhoudelijke verantwoording van de betoelaagde samenwerking aan de gemeente Mol.
Artikel 7 – Duur en evaluatie
Deze overeenkomst loopt tot en met 31 december 2031 en wordt jaarlijks tijdens het plaatsbezoek geëvalueerd. Bij een geschil gaan beide partijen in dialoog. Het verslag van dit gesprek wordt bezorgd aan de Raad van Bestuur van vzw Vierdewereldwerking Ons Huis en het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Mol. Indien er in dialoog geen vergelijk gevonden wordt, behouden de partners zicht het recht om de samenwerkingsovereenkomst op te zeggen middels schriftelijke kennisgave, mits inachtname van een opzegtermijn van 6 maanden.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt volgende samenwerkingsovereenkomst goed:
Artikel 1 – Doel en voorwerp van de overeenkomst
Deze overeenkomst regelt de samenwerking tussen de gemeente Mol en vzw Actie Min Mol, erkend als welzijnsschakel. Doel is het versterken van het lokale en bovenlokale armoedebeleid, de participatie van mensen in armoede en de toegankelijkheid van rechten en diensten.
Concreet voor de samenwerking tussen de gemeente en vzw Actie Min Mol betekent dit dat vzw Actie Min Mol een actieve bijdrage levert aan de samenwerkingsvormen, zoals omschreven in artikel 2, en een wekelijkse verdeling van ESF + - middelen en voedseloverschotten organiseert voor kwetsbare cliënten op verwijzing van OCMW Mol.
Artikel 2 – Algemene principes van samenwerking
De samenwerking steunt op: (a) wederzijds respect; (b) autonomie van zowel de vereniging als het lokaal bestuur; (c) erkenning van ervaringsdeskundigheid van mensen in armoede; en (d) een gelijkwaardig partnerschap tussen beleid en middenveld.
Artikel 3 – Verantwoordelijkheden van de gemeente Mol
De gemeente Mol voorziet overlegkanalen waarlangs de samenwerking vorm krijgt in dialoog. Concreet voorziet de gemeente:
● Halfjaarlijks lokaal overleg armoede. Vanuit de gemeente worden minstens uitgenodigd: de schepen van armoede, het lokaal aanspreekfiguur armoede en het afdelingshoofd van de sociale dienst. Andere betrokkenen (bv. manager ILV Baldemore, teamcoach Huis van het Kind) kunnen op basis van de agenda worden uitgenodigd. Daarnaast wordt minstens een afvaardiging van Ons Huis, MIN Mol, Actie Min Mol en Inloopcentrum De Passage (CAW De Kempen) uitgenodigd. In dit overleg staan centraal: opvolging van het lokaal armoedebeleid; delen van collectieve aandachtspunten; planning en evaluatie van initiatieven; ontwikkeling van samenwerking; en het opzetten van initiatieven voor participatie van mensen in armoede.
● Jaarlijks plaatsbezoek van de gemeente aan prioritaire partners. Minstens de schepen van armoede en het lokaal aanspreekfiguur armoede van de gemeente zijn aanwezig. Tijdens het bezoek worden de overeenkomst en de samenwerkingsafspraken geëvalueerd.
● Tweejaarlijks inleefmoment rond armoede voor medewerkers van de gemeentelijke welzijnsdiensten, zodat medewerkers de werking van lokale armoedeorganisaties leren kennen en medewerkers/vrijwilligers van lokale armoedeorganisaties kennismaken met de gemeentelijke welzijnsdiensten.
● Tweejaarlijks armoedeforum, vrij toegankelijk voor het brede publiek. Telkens wordt een armoedethema uitgediept. Actoren die professioneel of vrijwillig met armoede te maken hebben worden uitgenodigd. Doel: inzichten en goede praktijken uitwisselen en samenwerking organiseren rond concrete lokale verbeteringen. Na elk forum wordt gestreefd naar de oprichting van minstens één werkgroep die werkt aan een concrete realisatie binnen het lokaal armoedebeleid.
Artikel 4 – Verantwoordelijkheden van Actie Min Mol
Vzw Actie Min Mol is erkend als welzijnsschakel. Voor die erkenning ontvangt zij geen substantiële ondersteuning en is zij voor de werking sterk afhankelijk van giften en subsidies van lokale of regionale actoren. Binnen deze samenwerking verwacht de gemeente Mol dat Actie Min Mol:
● Haar verplichtingen als erkende welzijnsschakel nakomt ten aanzien van Welzijnsschakels/Welzijnszorg.
● Actief deelneemt aan het lokaal overleg armoede, het jaarlijkse plaatsbezoek, het tweejaarlijks inleefmoment en het tweejaarlijks armoedeforum.
● Het pand aan de Sint-Apollonialaan beheert als een voorzichtig en redelijk persoon. Actie Min Mol is verantwoordelijk voor kosten van de dagelijkse werking. Kosten die de gemeente Mol draagt in het kader van de huurovereenkomst en nutsvoorzieningen worden in mindering gebracht in het subsidiebedrag van Actie Min Mol. Ook eventuele meeropdrachten vanuit de gemeente Mol kunnen door het gemeentebestuur worden verrekend en in mindering gebracht van het subsidie van het volgende jaar.
● Zich in de dagelijkse werking houdt aan geldende regelgeving, met name rond verwerking van afvalstromen en voedselveiligheid, alsook de geldende GDPR – richtlijnen met betrekking tot het bijhouden van persoonsgegevens van gebruikers.
Artikel 5 – Specifieke samenwerking rond materiële hulp
Actie Min Mol, MIN Mol en OCMW Mol werken samen om, op verwijzing, cliënten die te maken hebben met materiële deprivatie toegang te geven tot materiële hulp.
Actie Min Mol verleent materiële hulp in de vorm van voeding en kleine huishoudelijke verbruiksgoederen (hygiënemateriaal) aan cliënten die voor een afgebakende periode door OCMW Mol worden verwezen. Actie Min Mol engageert zich om:
● Zich te engageren binnen de verwijzingsafspraken van de OCMW’s van Mol, Balen en Dessel. Deze afspraken komen tot stand en worden geëvalueerd met inbreng van betrokken armoedeorganisaties.
● Binnen deze verwijsafspraken te zorgen voor discrete behandeling van persoonlijke gegevens van verwezen cliënten, en zich daarbij houden aan de geldende regelgeving voor gegevensbescherming (GDPR/AVG).
● Problemen die zich zouden voordoen bij het verlenen van de materiële hulp binnen de geldende verwijsafspraken; melden aan het OCMW dat de verwijzing deed.
● Jaarlijks in de eerste week van april een overzicht op te stellen van het aantal actieve verwijzingen van de drie betrokken OCMW’s en dit aan de gemeente te bezorgen.
● Te opereren binnen de wettelijke bepalingen opgelegd aan OCMW’s en partners inzake verdeling van lokaal toegekende ESF+‑middelen.
Artikel 6 – Financiële afspraken
Actie Min Mol ontvangt van de gemeente Mol, op basis van de engagementen in artikel 4, een jaarlijkse basisdotatie van € 1.000.
Daarnaast ontvangt het de gemeenten Mol, Balen, Dessel en Retie, op basis van artikel 5, een jaarlijkse som van in totaal € 27.500, te verdelen volgens het effectieve aantal verwijzingen van de vier OCMW’s op 1 april van het voorafgaande jaar. Een deel van deze toelage wordt niet rechtstreeks aan Actie Min Mol betaald, maar aan vzw Waardenmakerij voor ondersteuning in het kader van Foodsavers, volgens de overeenkomsten tussen de gemeente en vzw Waardenmakerij. De specifieke verdeling wordt jaarlijks als bijlage aan deze overeenkomst toegevoegd.
Aangezien de gemeente Mol voor de locatie aan de Sint‑Apollonialaan 198 optreedt als huurder en instaat voor lasten van nutsvoorzieningen (energie, water), betaalt de gemeente Mol in beginsel enkel de basisdotatie op grond van artikel 4. Voor de betaling van de engagementen in artikel 5 worden de voorziene bijdragen eerst gebruikt om bovengenoemde lasten te dragen. Na het afgelopen jaar volgt een afrekening tussen de gemeente Mol en Actie Min Mol op basis van de afgesproken bijdrage en de door de gemeente betaalde lasten, volgens de afspraken tussen de gemeente Mol en de eigenaar van het pand aan de Sint‑Apollonialaan 198. De door de gemeente betaalde huurlasten en nutsvoorzieningen, worden in mindering gebracht van de door Mol betaalde bijdrage.
De gemeentelijke bijdrage wordt in het eerste kwartaal van het jaar uitbetaald na besluit van het college van burgemeester en schepenen, of binnen de maand na ingediende verantwoording van het voorgaande jaar door Actie Min Mol. Actie Min Mol bezorgt jaarlijks een inhoudelijke verantwoording van de betoelaagde samenwerking aan de gemeente Mol. Deze verantwoording wordt gedeeld met de gemeenten Balen en Dessel.
Artikel 7 – Duur en evaluatie
Deze overeenkomst loopt tot en met 31 december 2031 en wordt jaarlijks tijdens het plaatsbezoek geëvalueerd. Bij geschil gaan beide partijen in dialoog. Het verslag van dit gesprek wordt bezorgd aan de Raad van Bestuur van vzw Actie Min Mol en het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Mol. Indien er in dialoog geen vergelijk gevonden wordt, behouden de partners zicht het recht om de samenwerkingsovereenkomst op te zeggen middels schriftelijke kennisgave, mits inacht name van een opzegtermijn van 6 maanden.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt volgende samenwerkingsovereenkomst goed:
Artikel 1 – Doel en voorwerp van de overeenkomst
Deze overeenkomst regelt de samenwerking tussen de gemeente Mol en vzw MIN Mol, erkend als welzijnsschakel. Doel is het versterken van het lokale en bovenlokale armoedebeleid, de participatie van mensen in armoede en de toegankelijkheid van rechten en diensten.
Concreet voor de samenwerking tussen de gemeente en vzw MIN Mol betekent dit dat vzw MIN Mol een actieve bijdrage levert aan de samenwerkingsvormen, zoals omschreven in artikel 2, en een maandelijkse verdeling van kledij en huisraad organiseert in een winkelmodel voor kwetsbare cliënten op verwijzing van OCMW Mol.
Artikel 2 – Algemene principes van samenwerking
De samenwerking steunt op: (a) wederzijds respect; (b) autonomie van zowel de vereniging als het lokaal bestuur; (c) erkenning van ervaringsdeskundigheid van mensen in armoede; en (d) een gelijkwaardig partnerschap tussen beleid en middenveld.
Artikel 3 – Verantwoordelijkheden van de gemeente Mol
De gemeente Mol organiseert overlegkanalen waarlangs de samenwerking vorm krijgt in dialoog. Concreet:
● Halfjaarlijks lokaal overleg armoede. Vanuit de gemeente worden minstens uitgenodigd: de schepen van armoede, het lokaal aanspreekfiguur armoede en het afdelingshoofd van de sociale dienst. Andere betrokkenen (bv. manager ILV Baldemore, teamcoach Huis van het Kind) kunnen op basis van de agenda worden uitgenodigd. Daarnaast wordt minstens een afvaardiging van Ons Huis, MIN Mol, Actie Min Mol en Inloopcentrum De Passage (CAW De Kempen) uitgenodigd. In dit overleg staan centraal: opvolging van het lokaal armoedebeleid; delen van collectieve aandachtspunten; planning en evaluatie van initiatieven; ontwikkeling van samenwerking; en het opzetten van initiatieven voor participatie van mensen in armoede.
● Jaarlijks plaatsbezoek van de gemeente aan prioritaire partners. Minstens de schepen van armoede en het lokaal aanspreekfiguur armoede zijn aanwezig. Tijdens het bezoek worden de overeenkomst en de samenwerkingsafspraken geëvalueerd.
● Tweejaarlijks inleefmoment rond armoede voor medewerkers van de gemeentelijke welzijnsdiensten. Doel: medewerkers leren de werking van lokale armoedeorganisaties kennen en medewerkers/vrijwilligers van lokale armoedeorganisaties maken kennis met de gemeentelijke welzijnsdiensten.
● Tweejaarlijks armoedeforum, vrij toegankelijk voor het brede publiek. Telkens wordt een armoedethema uitgediept. Actoren die professioneel of vrijwillig met armoede te maken hebben worden uitgenodigd. Doel: inzichten en goede praktijken uitwisselen en samenwerking organiseren rond concrete lokale verbeteringen. Na elk forum wordt gestreefd naar de oprichting van minstens één werkgroep die werkt aan een concrete realisatie binnen het lokaal armoedebeleid.
Artikel 4 – Verantwoordelijkheden van MIN Mol
Vzw MIN Mol is erkend als welzijnsschakel. Voor die erkenning ontvangt zij geen substantiële ondersteuning en is zij voor de werking sterk afhankelijk van giften en subsidies van lokale of regionale actoren. Binnen deze samenwerking verwacht de gemeente Mol dat MIN Mol:
● Haar verplichtingen als erkende welzijnsschakel nakomt ten aanzien van Welzijnsschakels/Welzijnszorg.
● Actief deelneemt aan het lokaal overleg armoede, het jaarlijkse plaatsbezoek, het tweejaarlijks inleefmoment en het tweejaarlijks armoedeforum.
● Het pand aan de Jozef Calasanzstraat (kerk Achterbos) beheert als een voorzichtig en redelijk persoon. MIN Mol is verantwoordelijk voor de kosten van de dagelijkse werking. Eventuele meeropdrachten vanuit de gemeente Mol kunnen door het gemeentebestuur worden verrekend en in mindering gebracht van de bijdrage van het volgende jaar.
● Zich in de dagelijkse werking houdt aan geldende regelgeving, met name rond verwerking van afvalstromen, alsook de geldende GDPR – richtlijnen met betrekking tot het bijhouden van persoonsgegevens van gebruikers.
Artikel 5 – Specifieke samenwerking rond materiële hulp
MIN Mol, Actie MIN en OCMW Mol werken samen om, op verwijzing, cliënten met materiële deprivatie toegang te geven tot materiële hulp.
MIN Mol verleent materiële hulp in de vorm van kledij en kleine huishoudelijke gebruiksgoederen aan cliënten die voor een afgebakende periode door OCMW Mol worden verwezen. MIN Mol engageert zich om:
● Zich te engageren binnen de verwijzingsafspraken van de OCMW’s van Mol, Balen, Dessel en Retie. Deze afspraken komen tot stand en worden geëvalueerd met inbreng van betrokken armoedeorganisaties.
● Binnen deze verwijsafspraken te zorgen voor discrete behandeling van persoonlijke gegevens van verwezen cliënten, en zich daarbij houden aan de geldende regelgeving voor gegevensbescherming (GDPR/AVG).
● Problemen bij het verlenen van materiële hulp aan verwezen cliënten te melden aan het betreffende OCMW dat de verwijzing deed.
● Jaarlijks in de eerste week van april een overzicht op te stellen van het aantal actieve verwijzingen van de vier betrokken OCMW’s en dit aan de gemeente te bezorgen.
Artikel 6 – Financiële afspraken
MIN Mol ontvangt van de gemeente Mol, op basis van de engagementen in artikel 4, een jaarlijkse basisdotatie van € 1.000.
MIN Mol ontvangt van de gemeenten Mol, Balen, Dessel en Retie, op basis van de engagementen in artikel 5, een jaarlijkse som van in totaal € 4.000. De betrokken gemeenten (of OCMW’s) dragen bij volgens de verhouding die voortvloeit uit het effectieve aantal verwijzingen van de vier OCMW’s aan MIN Mol op 1 april van het voorgaande jaar. De specifieke verdeling van het totaal over de betreffende gemeenten wordt jaarlijks als bijlage aan deze overeenkomst toegevoegd.
De gemeentelijke bijdrage wordt in het eerste kwartaal van het jaar uitbetaald na besluit van het college van burgemeester en schepenen, of binnen de maand na ingediende verantwoording van het voorgaande jaar door MIN Mol. MIN Mol bezorgt jaarlijks een inhoudelijke verantwoording van de betoelaagde samenwerking aan de gemeente Mol. Deze verantwoording wordt gedeeld met de gemeenten Balen, Dessel en Retie.
Artikel 7 – Duur en evaluatie
Deze overeenkomst loopt tot en met 31 december 2031 en wordt jaarlijks tijdens het plaatsbezoek geëvalueerd. Bij een geschil gaan beide partijen in dialoog. Het verslag van dit gesprek wordt bezorgd aan de Raad van Bestuur van vzw MIN Mol en het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Mol. Indien er in dialoog geen vergelijk gevonden wordt, behouden de partners zicht het recht om de samenwerkingsovereenkomst op te zeggen middels schriftelijke kennisgave, mits inacht name van een opzegtermijn van 6 maanden.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt volgende samenwerkingsovereenkomst met Waardenmakerij vzw voor de organisatie van het aanbod Foodsavers voor de ESF+ - middelen voor 2025 tot 2031 goed en dit voor wat betreft de stockage en handling: stockagecapaciteit en alle ondersteunende handling van de goederen:
Artikel 1 – Diensten van Waardenmakerij vzw
In het kader van haar maatschappelijke doelstellingen organiseert Waardenmakerij een Voedselhub met werknaam Foodsavers Kempen. De voedselhub heeft daartoe een depot ingericht in Kamergoor 19, 2200 Herentals.
De voedselhub biedt volgende dienst aan lokaal bestuur Mol:
ESF+ middelen: stockage en handling: stockagecapaciteit en alle ondersteunende handling van de goederen.
Artikel 2 – Derde partijen betrokken bij de overeenkomst
Naast Waardenmakerij vzw en het Lokaal Bestuur kunnen ook derde partijen betrokken zijn bij deze overeenkomst, zoals
Sociale organisaties die actief zijn in de bedeling van voedsel aan mensen in armoede in de betrokken gemeente; ophaling van overschotten door deze organisaties is enkel mogelijk met toestemming van de gemeente.
Scholen uit de betrokken gemeente die voedseloverschotten aan hun leerlingen aanbieden.
Voor begunstigden die niet tot één van bovenstaande categorieën horen (b.v. scholen uit een gemeente die niet participeert, instellingen, CAW, …) wordt een aparte overeenkomst afgesloten met voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden in deze overeenkomst.
Artikel 3 – Vergoeding voor de diensten van Waardenmakerij vzw
Lokale besturen kunnen inschrijven voor één of meerdere van de diensten uit Artikel 1 en betalen daarvoor een bijdrage.
Voor de diensten 1 tot en met 3 wordt een jaarlijkse kost per inwoner aangerekend op basis van het inwonersaantal op 1 januari van het betrokken jaar van € 0,10 per inwoner met een maximum van € 1590 per gemeente.
Artikel 4 – Duur en beëindiging
De overeenkomst tussen partijen wordt aangegaan voor een bepaalde duur van 6 jaar en neemt aanvang op 1 januari 2026 en eindigt op 31 december 2031 (het eerste jaar van de nieuwe legislatuur).
Het Lokaal Bestuur kan de overeenkomst eenzijdig beëindigen met een schriftelijke opzeg ten laatste op 30 juni van het lopende kalenderjaar. De stopzetting gaat in vanaf het volgende kalenderjaar.
Waardenmakerij vzw kan eenzijdig beslissen om de werking van de voedselhub te stoppen vanaf het volgende kalenderjaar. Deze schriftelijke opzeg gebeurt ten laatste op 30 juni van het lopende kalenderjaar.
Artikel 5 – Specifieke voorwaarden voor herverdeling van de voedseloverschotten
De voedseloverschotten worden opgehaald in het depot van Foodsavers Kempen op afgesproken dagen en tijdstippen.
Het aanbod van overschotten varieert en is afhankelijk van de goederen die ter beschikking zijn bij de leveranciers van Foodsavers Kempen.
Na afhaling ligt de verantwoordelijkheid voor een correct transport, opslag en verdeling van de voedseloverschotten bij de organisatie die de overschotten ophaalt. De koudeketen moet te allen tijde gerespecteerd worden.
De verkregen goederen mogen niet voor commerciële doeleinden gebruikt worden en moeten herverdeeld worden onder hulpbehoevenden in België. Aan de begunstigden mag een beperkte financiële bijdrage gevraagd worden die niet hoger is dan de uitgaven die rechtstreeks verband houden met de verdeling.
Artikel 6 – Facturatie
De financiële bijdrage van de lokale besturen op basis van de kost per inwoner (artikel 3) wordt verrekend in de maand juni van het lopende kalenderjaar.
De verrekening van de opgehaalde voedseloverschotten gebeurt per kwartaal:
Januari-maart: facturatie in april
April-juni: facturatie in juli
Juli-september: facturatie in oktober
Oktober-december: facturatie in januari van het volgende kalenderjaar
Indien Foodsavers Kempen een grotere hoeveelheid voedseloverschotten heeft, kan zij ervoor kiezen om deze gratis ter beschikking te stellen van deelnemende lokale besturen, sociale organisaties of partnerorganisaties met een gelijkaardig maatschappelijk doel. De gratis ter beschikking stelling wordt in dat geval expliciet schriftelijk of via mail bevestigd.
Artikel 7 – Tewerkstelling
Het staat Waardenmakerij vrij om voor zichzelf, in eigen naam, voor eigen rekening, op eigen kosten en onder zijn eigen verantwoordelijkheid, de medewerkers aan te werven en te ontslaan die zij noodzakelijk en aangepast acht met het oog op de uitvoering van deze overeenkomst.
Naast de vaste medewerkers van Waardenmakerij, kan zij beroep doen op verschillende categorieën van werknemers dewelke kaderen in sociale tewerkstelling zoals onder meer personen die tewerkgesteld zijn door het OCMW, conform artikel 60 §7 van de OCMW-wet, vrijwilligers en jobstudenten.
Artikel 8 – Middelenverbintenis
De opdrachten dewelke door Waardenmakerij worden uitgevoerd in het kader van deze overeenkomst zullen naar best vermogen worden uitgevoerd. Het betreft echter steeds uitdrukkelijk een middelenverbintenis en geen resultaatsverbintenis.
Klachten op de door Waardenmakerij uitgevoerde opdrachten dienen te gebeuren binnen de 3 werkdagen na de uitgevoerde opdracht. Klachten worden verzonden naar info@foodsaverskempen.be De indiener van de klacht wordt binnen de 2 werkdagen via mail terug op de hoogte gebracht van het antwoord.
Artikel 9 – Bevoegde rechtbank en toepasselijk recht
In geval van geschil omtrent deze overeenkomst zijn enkel de rechtbanken van het arrondissement Antwerpen, afdeling Turnhout bevoegd en is enkel het Belgische recht toepasselijk.
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het addendum van de samenwerkingsovereenkomst met VZW De Biehal goed:
ADDENDUM - SAMENWERKINGSOVEREENKOMST AANVULLENDE LOKALE DIENSTVERLENING TUSSEN LOKAAL BESTUUR MOL EN VZW DE BIEHAL
Het lokaal bestuur van Mol met zetel te Molenhoekstraat 2, 2400 Mol , hier vertegenwoordigd door Ann Smeyers, voorzitter gemeenteraad en Laurens Moubax, algemeen directeur,
en
vzw De Biehal met zetel te Stationsstraat 206, 3920 Lommel, hier vertegenwoordigd door Eric Linsen, voorzitter en Dave Walbers , directeur
komen het volgende overeen:
VOORAFGAANDELIJK
Bij beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 5 december 2018 werd het huidige afsprakenkader van de klussendienst van VZW De Biehal afgesproken. Dit in het kader van de uitvoering van een DAEB-opdracht.
Voornoemde overeenkomst wordt hierna aangeduid als de “basisovereenkomst”.
In de basisovereenkomst werd een regeling opgenomen omtrent het uitvoeren van een DAEB-opdracht voor het lokaal bestuur. Echter werd op 01/07/2023 de regelgeving individueel maatwerk van kracht, waardoor de ontvangen subsidie moet aangevuld worden met een subsidie Aanvullende Lokale Diensten.
Omwille van deze reden werd besloten een addendum op te maken ter aanvulling en verbetering van de basisovereenkomst. Tevens werken we aan een verdere optimalisering van deze overeenkomst.
WORDT OVEREENGEKOMEN EN AANVAARD HETGEEN VOLGT:
Onderhavig addendum zal bij de basisovereenkomst worden gevoegd en er aldus integraal deel van uitmaken. Alle bepalingen van de basisovereenkomst blijven van toepassing voor zover er niet wordt van afgeweken in dit addendum:
Artikel 1 – Juridische gronden voor het addendum
● het decreet collectief maatwerk van 12 juli 2013;
● het decreet individueel maatwerk van 14 januari 2022;
● het Besluit van de Vlaamse regering (BVR) van 19 augustus 2022 tot uitvoering van het decreet individueel maatwerk;
● brief van 1 juni 2023 van de Secretaris-Generaal van het Departement Werk en Sociale Economie met het subsidiebedrag Aanvullende Lokale Diensten voor 2023 voor het betreffende lokaal bestuur.
Onder het decreet individueel maatwerk van 14 januari 2022 wijzigt de klaverbladfinanciering van de lokale diensteneconomie. Lokale diensten kunnen zich verder ontwikkelen als aanvullende lokale diensten in individueel maatwerk. Daartoe ontvangen lokale besturen die reeds een opdracht aan lokale diensten hadden verleend vanwege de Vlaamse overheid een budget onder de code WSE-ALD. Dit budget compenseert het Vlaamse SINE-budget. Dat budget stond mee in voor de cofinanciering van lokale diensten maar de toegang voor lokale diensten tot SINE valt vanaf 01/07/2023 volledig weg. Met het budget WSE-ALD wil de Vlaamse regering het financiële kader voor lokale diensten leefbaar houden. De besteding ervan is gekoppeld aan de continuering van bestaande samenwerkingsverbanden.
Artikel 2 – Financiering
Voor de continuering van de samenwerkingsovereenkomst i.k.v. aanvullende lokale dienstverlening, zal het lokaal bestuur van MOL een bedrag van 33.855,32 euro overmaken op het rekeningnummer BE18 5230 8015 9865 van vzw De Biehal, Stationsstraat 206, 3920 Lommel met vermelding ‘WSE-ALD MOL’ in de 1ste helft van 2026. De subsidiëring valt onder de toepassing van de DAEB De-minimisverordening.
Artikel 3 – Aanwending
De subsidie zal door de vzw De Biehal aangewend worden voor de bevordering van het welzijn en/of de competentiebevordering van de doelgroepwerknemers en begeleiders sociale economie alsook voor de optimalisering van de dienstverlening binnen de DAEB-opdracht. De subsidie mag niet aangewend worden om de loonkosten van de doelgroepwerknemers sociale economie te financieren, omwille van de staatssteunregels. De controle over de aanwending van de subsidie en eventuele overcompensatie zal gebeuren op basis van een rapportering vanuit vzw De Biehal.
Opgemaakt te MOL op 23 februari 2026 in twee exemplaren waarvan beide partijen verklaren één exemplaar ontvangen te hebben.
Artikel 2
De gemeenteraad beslist na ondertekening van het addendum machtiging te verlenen aan de financiële dienst om deze werkingssubsidie over te maken na ontvangst en de betalingen te oormerken met de vermelding van de code WSE-ALD.
Liesbet Lommelen Chris Xhenseval Emiel Ruts Griet Van Hecken Ann Smeyers Hilde Valgaeren Jan Vangheel Tomas Sergooris Maria Belmans Greet Van Tiggelen Mick Vanlimbergen Jens Timmermans Laurens Moubax Hanne Paepen Wim Caeyers Sofie Molenberghs Frederik Loy Lisette Heuvelmans Stef Vandycke Lieve Heurckmans Hans De Groof Zehra Ünlü Cindy Dexters Lander Geyzen Ward Buyens Lotte Vreys Wendy Soeffers Koen Van Gompel Marc Sannen Paul Vanhoof Liesbet Lommelen Chris Xhenseval Emiel Ruts Griet Van Hecken Ann Smeyers Hilde Valgaeren Jan Vangheel Tomas Sergooris Maria Belmans Greet Van Tiggelen Mick Vanlimbergen Jens Timmermans Hanne Paepen Wim Caeyers Sofie Molenberghs Frederik Loy Lisette Heuvelmans Stef Vandycke Lieve Heurckmans Hans De Groof Zehra Ünlü Cindy Dexters Lander Geyzen Ward Buyens Lotte Vreys Wendy Soeffers Koen Van Gompel Marc Sannen Paul Vanhoof Lisette Heuvelmans Cindy Dexters Griet Van Hecken Stef Vandycke Wim Caeyers Maria Belmans Jan Vangheel Hilde Valgaeren Marc Sannen Hans De Groof Lieve Heurckmans Hanne Paepen Mick Vanlimbergen Frederik Loy Sofie Molenberghs Greet Van Tiggelen Ann Smeyers Emiel Ruts Wendy Soeffers Ward Buyens Jens Timmermans Chris Xhenseval Lotte Vreys Tomas Sergooris Paul Vanhoof Lander Geyzen Liesbet Lommelen Zehra Ünlü Koen Van Gompel aantal voorstanders: 23 , aantal onthouders: 6 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt onderstaande convenant goed:
1. Partijen
Deze convenant wordt afgesloten tussen volgende partijen:
Gemeente Balen, vertegenwoordigd door Sofie Leysen (voorzitter) en Michel Van Sprengel (algemeen directeur) handelend in de beslissing van de gemeenteraad van 23 februari 2026,
Openbaar Centrum Maatschappelijk Welzijn (hierna OCMW) Balen, vertegenwoordigd door Sofie Leysen (voorzitter) en Michel Van Sprengel (algemeen directeur), handelend in de beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 23 februari 2026,
Gemeente Dessel, vertegenwoordigd door Tim Heymans (voorzitter) en Luk Nuyts (algemeen directeur) handelend in de beslissing van de gemeenteraad van 26 februari 2026,
OCMW Dessel, vertegenwoordigd door Tim Heymans (voorzitter) en Luk Nuyts (algemeen directeur), handelend in de beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn 26 februari 2026,
Gemeente Mol, vertegenwoordigd door Ann Smeyers (voorzitter) en Laurens Moubax (algemeen directeur) handelend in de beslissing van de gemeenteraad van 23 februari 2026,
OCMW Mol, vertegenwoordigd door Ann Smeyers (voorzitter) en Laurens Moubax (algemeen directeur), handelend in de beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 23 februari 2026,
Gemeente Retie, vertegenwoordigd door Luc Janssens (voorzitter) en Roel Slegers (algemeen directeur) handelend in de beslissing van de gemeenteraad van 16 februari 2026,
OCMW Retie, vertegenwoordigd door Luc Janssens (voorzitter) en Roel Slegers (algemeen directeur), handelend in de beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 16 februari 2026,
hierna genoemd ‘de opdrachtgever’, enerzijds
Het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk De Kempen vzw, vertegenwoordigd door Mieke Mermans (algemeen directeur),
hierna genoemd ‘de opdrachtnemer’, anderzijds
Tussen de partijen wordt overeengekomen wat volgt:
2. Algemene bepalingen
2.1. Art.1: Samenwerking en participatie
De bovengenoemde partijen verbinden zich ertoe om onderlinge afstemming te realiseren met betrekking tot hun aanbod inzake welzijn en maatschappelijke dienstverlening. Daartoe komen zij minimaal eenmaal per jaar bijeen tijdens een beheerscomité, met als doel overleg te voeren over het algemene welzijnsbeleid.
Tijdens deze bijeenkomsten wordt inhoudelijk ingegaan op de in deze convenant beschreven activiteiten, zonder zich daartoe te beperken. Het overleg dient tevens als platform voor beleidsmatige en visiegerichte afstemming, waarbij ideeën worden uitgewisseld over maatschappelijke ontwikkelingen en regionale tendensen. De samenwerking vertrekt vanuit de gedeelde overtuiging dat gezamenlijke inspanningen bijdragen aan het verbeteren van de levensomstandigheden van kwetsbare doelgroepen, met als streven een bestaan in overeenstemming met menselijke waardigheid. Hoewel de taken van een lokaal bestuur en een Centrum Algemeen Welzijnswerk niet volledig samenvallen, is de uiteindelijke doelstelling wel gelijkgericht.
Dit convenant kadert binnen de bevoegdheid van het lokaal bestuur om een integraal en inclusief lokaal sociaal beleid te ontwikkelen. Het opzetten van een duurzaam samenwerkingsverband met het centrum voor algemeen welzijnswerk vindt zijn basis in artikel 9 van het decreet betreffende het lokaal sociaal beleid van 9 februari 2018. CAW De Kempen engageert zich tot een actieve bijdrage aan de ontwikkeling van het lokaal sociaal beleid, onder meer via participatie aan relevante overlegstructuren en dus deelname aan het beheerscomité o.a.
De partijen verklaren zich bereid tot samenwerking teneinde hun gezamenlijke welzijnsdoelstellingen te realiseren. Zij verbinden zich ertoe de in deze convenant omschreven opdracht uit te voeren binnen de vastgestelde termijn en het beschikbare budget, conform de overeengekomen modaliteiten.
Daarnaast zal CAW De Kempen blijven samenwerken met de gemeente en OCMW Mol inzake de oprichting van een gezamenlijk welzijnshuis, waarin diverse welzijnspartners verenigd kunnen opereren. Deze samenwerking valt buiten de reikwijdte van deze convenant.
2.2. Art.2: Communicatie en briefwisseling
Om de communicatie met alle partijen efficiënt te laten verlopen worden volgende overlegmomenten vastgelegd:
Beleidsmatig: Directie en beheerscomité
Jaarlijks een inhoudelijke en financiële evaluatie door de directie van CAW De Kempen en het beheerscomité van de ILV Baldemore zoals bepaald in artikel 4. Tijdens het overleg wordt de inhoud van deze convenant besproken, geëvalueerd en indien nodig aangepast.
Operationeel:
Teamverantwoordelijken/Diensthoofden
Daarnaast duidt CAW De Kempen per opdracht van deze overeenkomst zoals verder vermeld onder “3. Opdrachten en doelstellingen” een betrokken teamverantwoordelijke aan. De betrokken teamverantwoordelijke gaat in overleg met de door ILV Baldemore aangeduide vertegenwoordiger(s) van het lokaal bestuur, eveneens vermeld onder “3. Opdrachten en doelstellingen”, met betrekking tot deze opdracht. Deze teamverantwoordelijken zullen minstens eenmaal per jaar aanwezig zijn op het diensthoofdenoverleg van de 4 OCMW’s, georganiseerd binnen de regio Baldemore, zoals aangeduid onder “3. Opdrachten en doelstellingen”.
Manager ILV Baldemore/Coördinator CAW De Kempen
Vanuit zowel CAW De Kempen als vanuit de lokale besturen van de ILV Baldemore wordt er een contactpersoon naar voren geschoven. Vanuit de lokale besturen is dit de manager van de interlokale vereniging, voor CAW De Kempen is dit de coördinator van de regio Baldemore. Zij staan in rechtstreekse verbinding en zijn verantwoordelijk voor het tijdig signaleren van eventuele knelpunten die zich langs beide kanten kunnen voordoen. Dit betreft zowel veranderingen, signalen op personeelsniveau als op inhoudelijk niveau.
2.3. Art.3: Geheimhouding en beveiliging
ILV Baldemore en CAW De Kempen nemen conform de toepasselijke wettelijke bepalingen en ongeacht de duur van deze convenant geheimhouding in acht over elkaars organisaties en over informatie die met betrekking tot de uitvoering van deze convenant vertrouwelijk is. Hiermee bedoelen we onder andere persoonsgegevens en informatie waarvan redelijkerwijs is aan te nemen dat bekendmaking ervan de belangen van één van de partijen, het privacybelang of het algemene maatschappelijke belang zou schaden. Partijen staan ervoor in dat hun personeel bekend is met deze verplichting en de naleving hiervan nakomen. Partijen nemen ieder voor zich adequate, technische en organisatorische maatregelen ter bescherming tegen verlies of onrechtmatige verwerking van deze informatie.
Gedeeld beroepsgeheim
Ondanks het beroepsgeheim verwachten we van onze hulpverleners een houding die gericht is op samenwerking in het belang van onze cliënten. Een te strikte toepassing van het beroepsgeheim staat samenwerking in de weg. In rechtspraak en rechtsleer aanvaardt men het principe van gedeeld beroepsgeheim. Om te kunnen spreken van gedeeld beroepsgeheim moet aan een aantal voorwaarden voldaan zijn.
● Er is (steeds) toestemming van de cliënt en de gegevensuitwisseling gebeurt in alle transparantie. De toestemming van de cliënt moet specifiek zijn (wat mag ik delen) en volgehouden zijn. Informatie wordt bij voorkeur gedeeld in het bijzijn van de cliënt. Indien de cliënt niet aanwezig kan zijn tijdens de informatiedeling, wordt de inhoud met de cliënt achteraf besproken.
● Iedereen waarmee men info deelt heeft eenzelfde beroepsgeheim en is inhoudelijk betrokken bij de hulpverlening van de cliënt.
● De gedeelde gegevens zijn noodzakelijk voor het hulpverleningstraject van de cliënt.
Intersectoraal team
Indien de samenwerking een werking als gezamenlijk team beoogt, wordt bij de start van deze samenwerking een specifieke samenwerkingsovereenkomst gemaakt.
Deze samenwerkingsovereenkomst bevat dan specifieke afspraken rond de inhoud, aansturing en profilering van deze werking, afspraken met betrekking tot het beroepsgeheim en GDPR.
2.4. Art.4: Financiële en inhoudelijke evaluatie van de convenant algemene bepalingen
ILV Baldemore en CAW De Kempen verbinden zich ertoe om jaarlijks minimaal één inhoudelijk en financieel overleg te organiseren. Dit overleg biedt de mogelijkheid om, indien nodig, bij te sturen op basis van de voortgang en resultaten.
CAW De Kempen verbindt zich ertoe om jaarlijks, per kalenderjaar, een inhoudelijk en financieel verslag in te dienen ter voorbereiding van het evaluatiemoment. Deze verslagen dienen aan te tonen dat de uitgevoerde acties conform de vooraf bepaalde doelstellingen en binnen de goedgekeurde projectbegroting zijn gerealiseerd.
ILV Baldemore zal CAW De Kempen uiterlijk twee maanden vóór het geplande evaluatiemoment uitnodigen voor deelname aan het beheerscomité. CAW De Kempen bezorgt het inhoudelijk en financieel verslag van het voorgaande werkjaar uiterlijk één maand vóór het overleg, en ten laatste op 1 april van het betreffende jaar, aan de manager van ILV Baldemore.
De subsidie wordt uitsluitend aangewend voor de realisatie van de activiteiten opgenomen in het convenant en de niet-economische dienstverlening. Eventuele economische nevenactiviteiten zijn uitgesloten van financiering met deze middelen.
2.4.1 Art.4.1 Inhoudelijke evaluatie
De jaarlijkse inhoudelijke evaluatie van CAW De Kempen van alle activiteiten bevat een groot aantal generieke elementen. De generieke evaluatie omvat alle deelwerkingen van CAW De Kempen, zoals bijvoorbeeld slachtofferhulp of noodopvang, telkens op het niveau van de lokale besturen in de regio Baldemore en op het niveau van Baldemore. Hoewel deze deelwerkingen of activiteiten niet noodzakelijk deel uitmaken van het convenant, worden zij wel meegedeeld tijdens de bespreking van het convenant, alsook de samenkomst in het kader van het ‘algemene’ welzijn.
Deze transparantie moet toelaten om als partners samen de tendensen en noden vast te stellen en een interactie binnen het lokale beleid aan te gaan indien nodig.
De evaluatie houdt, minstens het volgende in:
● Het aantal cliëntcontacten op jaarbasis (mogelijk opgesplitst per contactmiddel);
● Het aantal cliëntcontacten per gemeente;
○ Omwille van het werkingsgebied van CAW De Kempen kan het zijn dat inwoners uit Baldemore geholpen worden door een deelwerking van CAW De Kempen die ook actief is in een andere regio. Deze gegevens worden ook ter beschikking gesteld.
● Een overzicht van de inzet met betrekking tot outreach in de regio Baldemore;
● Een overzicht van de signalen of tendensen gegeven vanuit de partner(s) door middel van het overleg en de opvolging van deze resultaten. Evengoed, een overzicht van de signalen gegeven vanuit de specifieke deelwerking(en) van CAW De Kempen naar de partner(s) toe. De opvolging van deze signalen gebeurt dus ook samen;
● Een overzicht van de cliënten (per deelwerking/opdracht en voor de gehele regio Baldemore) op basis van:
○ leeftijd;
○ geslacht;
○ domicilie;
○ manier van contact name;
○ leefdomeinen.
● Indien van toepassing, voor deelwerkingen besproken in deze convenant:
○ Een overzicht van preventieprojecten opgestart of mee gefaciliteerd door de deelwerkingen;
○ Het aantal begeleidingen op jaarbasis, opgesplitst naar de globale aard van de begeleidingsvraag, meer bepaald:
■ materiële en financiële problemen;
■ gezondheidsproblemen; ■ psychische en persoonlijke problemen;
■ seksualiteit en geboorte;
■ relationele problemen;
■ tijdsbesteding;
■ signalen, onvrede en klachten;
■ andere.
Indien vereist voor een subsidiedossier gekoppeld aan de werkingen binnen deze convenant, bezorgt CAW De Kempen uiterlijk 1 maand voor de deadline de gevraagde inhoudelijke input aan de lokale besturen. Het CAW wordt hiervan minstens 2 maanden voor de deadline op de hoogte gesteld.
2.4.2 Art.4.2 Financiële evaluatie
CAW De Kempen verbindt zich ertoe om de voor de uitvoering van de in deze convenant vermelde opdrachten een afzonderlijke boekhoudkundige rekening bij te houden die dienst zal doen als financieel verslag, nodig voor de uitbetaling. Deze rekening mag een afdruk zijn van de gebruikte boekhouding.
De uitgaven vermeld op deze boekhoudkundige rekening bestaan uitsluitend uit:
● De effectieve loonkost per vastgelegde VTE
● Bovenop de werkelijke loonkost per VTE, wordt een overheadkost, inclusiefaansturingskost, aangerekend van 15% bovenop de effectieve loonkost en kunnen gestaafd worden aan de hand van loondocumenten indien de opdrachtgever deze opvraagt.
CAW De Kempen verantwoordt de overheadkosten met een gedetailleerde lijst die aantoont waaraan deze overheadkosten zijn besteed.
Binnen het kader van deze overeenkomst worden uitsluitend personeelskosten en een percentage overheadkosten in aanmerking genomen. Andere kosten worden niet vergoed.
Het financieel verslag moet jaarlijks voor controle en nazicht bezorgd worden aan het beheerscomité van ILV Baldemore, samen met het inhoudelijk verslag zoals hierboven vermeld.
Uitgaven voor personeel moeten gestaafd worden met een kopie van de loonstaat indien de opdrachtgever deze opvraagt. ILV Baldemore of zijn gemachtigden kunnen bijkomende verantwoordingsstukken opvragen en moeten kunnen nagaan of de financiering van de actie werd gerealiseerd zoals voorzien in de opdracht, en dit op actieniveau en in het kader van de gehele boekhouding van CAW De Kempen.
Indien vereist voor een subsidiedossier gekoppeld aan de werkingen binnen deze convenant, bezorgt CAW De Kempen tijdig de gevraagde financiële input aan de ILV Baldemore. Het CAW wordt hiervan minstens 2 maanden voor de deadline op de hoogte gesteld en bezorgt de verantwoordingsstukken één maand voor de deadline waarop de projectverantwoording moet ingediend worden.
Wanneer uit de controles of de afrekening blijkt dat ILV Baldemore teveel heeft betaald of dat de middelen oneigenlijk aangewend werden, kan deze te veel betaalde som integraal en retroactief teruggevorderd worden.
3. Opdrachten en doelstellingen
Situering van de opdrachten
De opdrachten situeren zich binnen de beleidsdoelstellingen, actieplannen en meerjarenplannen van de gemeente en OCMW ’s van Balen, Dessel, Mol en Retie en van CAW De Kempen.
Deze opdrachten situeren zich op niveau van de regio Baldemore, met uitzondering van het gedeelte woonbegeleiding. Voor het aanbod woonbegeleiding wordt binnen deze convenant een apart luik per lokaal bestuur voorzien.
Per opdracht wordt er een opsomming van de jaarlijkse, of ander afgebakende periode, te bereiken resultaten gegeven.
3.1. Jongeren Aanbod CAW (hierna JAC)
Regulier aanbod
Het JAC biedt preventie, onthaal en begeleiding aan jongeren en jongvolwassenen. Het is een toegangspoort tot het welzijnslandschap voor jongeren met een welzijnsvraag.
CAW De Kempen engageert zich om, onder voorbehoud van de betoelaging die zij vanuit Vlaanderen ontvangen, de middelen voor de JAC-werking evenredig te verdelen over de eerstelijnszones van hun werkingsgebied.
Ondersteuning door gemeente Mol
De gemeente Mol stelt, voor de duur van deze overeenkomst, een accommodatie ter beschikking gelegen aan Markt 54 te Mol. In het kader van de ontwikkeling van een gezamenlijk welzijnshuis zal deze accommodatie op termijn worden geherhuisvest op de daartoe voorziene welzijnssite.
3.2. Verslavingshulpverleners
CAW De Kempen engageert zich, als deskundige organisatie, om een laagdrempelige verslavingshulpverlening uit te bouwen.
CAW De Kempen houdt zich eraan de inhoudelijke leiding en verantwoordelijkheid op te nemen voor de uitgebouwde drughulpwerking. CAW De Kempen zal een passende personeelsinzet van 1,8 VTE realiseren. CAW De Kempen houdt zich eraan de medewerkers zo optimaal mogelijk te integreren binnen het intergemeentelijk welzijns- en veiligheidsbeleid. CAW De Kempen houdt zich eraan te voorzien in supervisie van een gediplomeerde hulpverlener.
Aanbod
CAW De Kempen voorziet 1,8 VTE verslavingshulpverlening, waarvan 1 VTE wordt voorzien voor de zitdagen op de OCMW’s en 0,8 VTE wordt voorzien voor preventieopdrachten. Deze opdrachten worden hierna verder gespecifieerd.
Per 1 VTE verslavingshulpverlener kunnen er gemiddeld 180 middelengebruikers van Baldemore beroep doen op een onthaaltraject binnen drughulp. Dit omvat kortdurende interventies zoals onthaal, vroegdetectie, motivationele gespreksvoering en verwijzing. Voor de onthaalfunctie van 1 VTE, die uitsluitend belast is met deze hulpverleningsopdracht (exclusief preventieopdrachten) ligt de indicator op 180 cliënten per VTE.
Zitdagen OCMW’s (1 VTE)
CAW De Kempen engageert zich om volgend aanbod aan verslavingshulpverlening in de regio Balen-Dessel-Mol-Retie uit te bouwen:
● Cliëntgesprekken op OCMW-locatie (zitdagen) en in het inloopcentrum van Mol;
De wekelijkse aanwezigheid in de OCMW’s wordt als volgt verdeeld:
○ 1,5 dag in Balen
○ 0,5 dag in Mol
○ 0,5 dag in Retie, bijkomend 0,5 dag om de 14 dagen voor avondcliënten, outreach-opdrachten preventie-opdrachten.
○ 0,5 dag in Dessel, bijkomend 0,5 dag om de 14 dagen voor avondcliënten, outreach-opdrachten, preventie-opdrachten.
○ De rest van de aanwezigheid (arbeidsbreuk) wordt voorzien met zitdagen vanuit ILC in Mol.
Deze momenten worden vastgelegd in overeenstemming tussen het diensthoofd van de respectievelijke OCMW’s en de teamverantwoordelijke team verslaving van CAW De Kempen.
● Onthaal, begeleidingen en toeleidingen binnen o.a. CAW-context, MSOC Kempen en OP ’t Kader;
● Ondersteunen van OCMW-maatschappelijk werkers door middel van intervisie, 11 casusbespreking, vorming,… ; Er wordt jaarlijks een basisvorming én een verdiepende vorming voorzien voor de maatschappelijk werkers van de OCMW’s van Balen, Mol, Dessel en Retie. Voorgaande wordt steeds georganiseerd op vraag en op maat van de OCMW’s.
● Samenwerking met de Verslavingskoepel in het kader van cliëntdossiers, preventieopdrachten en verslavingsbeleid.
● Deelname aan de regionale stuurgroep verslaving (onder voorbehoud dat deze wordt georganiseerd).
● Er is ook de mogelijkheid om in samenspraak in te gaan op ad hoc vragen op maat van de lokale besturen. Voorbeelden hiervan zijn: voorstelling van het aanbod rond verslaving in een buurthuis of lokaal dienstencentrum, een afgebakende opdracht in het kader van ouder worden en alcohol, …. Deze voorbeelden zijn niet limitatief.
Preventieopdrachten (0,8 VTE):
Deze opdracht omvat voornamelijk preventieopdrachten in de middelbare scholen van regio Baldemore.
Om overlap en onduidelijkheden te vermijden tussen de preventieopdrachten die behoren tot de opdracht verslavingshulpverlening en de opdracht intergemeentelijke preventiewerking, wordt er jaarlijs een actieplan opgesteld voor beide opdrachten. Het jaaractieplan voor de preventieopdrachten inzake verslavingshulpverlening wordt opgemaakt door het CAW en voorgelegd ter goedkeuring aan het beheerscomité van ILV Baldemore.
Financieel
Aantal VTE: 1,8 VTE wordt gefinancierd door de opdrachtgever.
Voor de betoelaging van de opdracht in het kader van verslavingshulpverlening doet de opdrachtgever gedeeltelijk beroep op de toelage van de strategische veiligheids- en preventieplannen van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken. De betoelaging van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken maakt een opschortende voorwaarde uit voor het in werking treden van de opdracht zoals vermeld onder “3.2 Verslavingshulpverleners – onderdeel preventieopdrachten”.
Indien deze betoelaging van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken alsnog geheel of gedeeltelijk wegvalt na het bekomen ervan, behouden de partijen zich het recht voor om dit deel van de overeenkomst te herzien, op te schorten of te beëindigen in onderling overleg.
Bij beslissing om dit deel van de overeenkomst (gedeeltelijk) op te zeggen, worden de opzegtermijnen, zoals vermeld in artikel 16, in acht genomen.
Evaluatie en opvolging
De OCMW’s stellen een diensthoofd binnen hun OCMW – werking aan als aanspreekpunt. Vanuit CAW De Kempen is de teamverantwoordelijke team verslaving het aanspreekpunt. Beiden engageren zich ertoe om de opvolging van de operationele werking van de verslavingshulpverleners op te volgen en tijdig in dialoog te gaan wanneer bijsturing gewenst is.
De teamverantwoordelijke team verslaving van het CAW neemt 1 keer per jaar deel aan het diensthoofdenoverleg van de OCMW’s van regio Baldemore. Hiertoe wordt de teamverantwoordelijke team verslaving minimaal 1 maand voorafgaand aan dit overleg uitgenodigd door ILV Baldemore.
Per kwartaal worden de resultaten van de verslavingshulpverleners bezorgd aan de ILV Baldemore om terug te koppelen op het diensthoofdenoverleg van regio Baldemore.
3.3. Intergemeentelijke preventiewerking
CAW De Kempen engageert zich ertoe een intergemeentelijke preventiewerker aan te stellen voor het organiseren en uitvoeren van een lokaal preventief gezondheidsbeleid rond verslaving dat aan de voorwaarden van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 (herwerkte versie op 17 mei 2024, dat ingaat op 1 januari 2025) dat het besluit van de Vlaamse regering van 30 januari 2009 betreffende de Logo’s wijzigt en een structurele ondersteuning van intergemeentelijke preventiewerkingen mogelijk maakt, voldoet.
Aanbod
CAW De Kempen:
● zet 0,5 VTE intergemeentelijk preventiewerker in op het thema ‘verslaving’ als aanvulling op de reeds bestaande stuurgroepen en acties rond verslaving binnen de lokale besturen.
● neemt de inhoudelijke coördinatie en verantwoordelijkheid op voor de preventieopdrachten in de regio Balen-Dessel-Mol-Retie, zoals bepaald in het jaaractieplan.
● zorgt voor de omkadering van de intergemeentelijke preventiemedewerker. Dit omvat o.a. individuele opleiding en begeleiding, bijscholing, deelname aan teamvergaderingen, registratieondersteuning, functionerings- en evaluatiegesprekken, coaching, …
● de intergemeentelijke preventiewerker neemt deel aan het overleg Gezonde Gemeente voor de agendapunten die betrekking hebben op deze opdrachten en aan de regionale stuurgroep verslaving indien deze georganiseerd wordt.
Het CAW engageert zich om volgend aanbod aan intergemeentelijke preventie in de regio Balen- Dessel-Mol-Retie uit te bouwen:
● Ondersteunt de gezondheidsambtenaren van de 4 lokale besturen om de doelstellingen van de lokale besturen te realiseren op vlak van gezondheid en preventie. Deze doelstellingen kaderen in de beleidsdoelstellingen van het Vlaamse preventieve gezondheidsbeleid en van de Vlaamse gezondheidsdoelstellingen. De insteek is altijd verslaving of middelengebruik.
● Werkt in samenspraak met de leden van het regionaal overleg gezonde gemeente een jaaractieplan uit en ondersteunt de lokale besturen bij de uitvoering ervan (voor 0,35 VTE). Concreet voert de intergemeentelijke preventiewerker preventieve acties uit binnen het thema verslaving zoals o.a. rookstop, Kempen 0.0, actie 10-daagse van de GG, als kleine kinderen groot worden (brief/infosessie), met CAW aan tafel, … Deze opsomming dient louter ter illustratie en is niet limitatief. CAW De Kempen legt dit jaaractieplan jaarlijks voor aan het beheerscomité ter goedkeuring.
● Organiseert jaarlijks het event ‘Met CAW aan tafel’ in de regio Baldemore. Hiervoor zal CAW De Kempen de vragen en signalen van alle lokale besturen uit het arrondissement bundelen. Op basis hiervan zal CAW De Kempen de regie nemen om één thema voor deze lezing voor het ganse arrondissement uit te werken. CAW De Kempen verbindt er zich toe dit evenement jaarlijks te organiseren op het grondgebied van regio Baldemore.
● Werkt in samenspraak met de Lokale Stuurgroep Alcohol en Drugs Balen (LSAD) een jaaractieplan uit en ondersteunt en werkt mee bij het uitvoeren van lokale acties in Balen (voor 0,15 VTE).
● Ondersteunt de lokale besturen van Balen, Dessel, Mol en Retie bij de implementatie en uitvoering van acties rond preventie (communicatie, verzamelen en verdelen van materiaal, contacteren van diensten, …)
● Is het aanspreekpunt voor de gezondheidsambtenaren van de 4 lokale besturen voor de effectieve uitvoering van acties rond preventie in het kader van verslaving. Hij/zij rapporteert aan het overkoepelend regionaal overleg gezonde gemeente en de regionale stuurgroep verslaving (onder voorbehoud dat deze georganiseerd wordt).
● Bezorgt jaarlijks één maand voor de uiterlijke indieningsdatum van het subsidiedossier intergemeentelijke preventiewerkingen van de Vlaamse Overheid de nodige verantwoordingsstukken aan de stafmedewerker van ILV Baldemore.
Het overleg gezonde gemeenten (Balen, Dessel, Mol, Retie):
● zorgt voor een goede briefing en afstemming met de intergemeentelijke preventiemedewerker.
● bakent de doelstellingen en acties af via het jaaractieplan dat jaarlijks opgemaakt wordt in het Overleg Gezonde gemeenten
De ILV Baldemore:
● Voorziet budget voor de overkoepelende werkingskosten. Aankopen die in dit kader gebeuren verlopen steeds via en in overeenstemming met ILV Baldemore. Concreet betekent dit dat aankopen gebeuren door ILV Baldemore (en niet via doorfacturatie van CAW De Kempen).
● Het beheerscomité keurt het jaaractieplan goed.
De gemeente Balen bakent de doelstellingen en acties af voor 0,15 VTE die de intergemeentelijke preventiewerker uitsluitend voor gemeente Balen werkt via het jaaractieplan opgemaakt door de Lokale Stuurgroep Alcohol en Drugs ( LSAD).
Financieel
Aantal VTE: 0,5 VTE (waarvan 0,35 VTE gefinancierd door ILV Baldemore en 0,15 VTE gefinancierd door gemeente Balen).
Voor de betoelaging van de opdracht in het kader van intergemeentelijke preventiewerking doet de opdrachtgever beroep op de toelage van de Vlaamse Regering inzake intergemeentelijke preventiewerkingen. De betoelaging van de Vlaamse Regering maakt een opschortende voorwaarde uit voor het in werking treden van de opdracht zoals vermeld onder “3.3 intergemeentelijke preventiewerking”.
Indien deze betoelaging van de Vlaamse regering alsnog geheel of gedeeltelijk wegvalt na het bekomen ervan, behouden de partijen zich het recht voor om dit deel van de overeenkomst te herzien, op te schorten of te beëindigen in onderling overleg.
Bij beslissing om dit deel van de overeenkomst (gedeeltelijk) op te zeggen, worden de opzegtermijnen, zoals vermeld in artikel 16, in acht genomen.
Evaluatie en opvolging
Het CAW bewaakt het goed functioneren van de intergemeentelijke preventiemedewerker en waakt erover dat de intergemeentelijke preventiemedewerker in lijn werkt met de doelstellingen en afgesproken werkwijzen. Elementen met betrekking tot het functioneren zullen door de manager of stafmedewerker van ILV Baldemore aan de teamverantwoordelijke van het CAW worden gesignaleerd voor wat betreft de inzet voor de regio Baldemore.
Voor wat betreft de inzet van 0.15 VTE voor gemeente Balen is het aanspreekpunt de stafmedewerker lokaal sociaal beleid.
Het CAW en ILV Baldemore verbinden zich ertoe minstens 1 keer per jaar gezamenlijk een formele evaluatie te houden van de samenwerking.
Volgende zaken worden opgenomen bij de evaluatie:
● overzicht van de uitgevoerde acties en de resultaten hiervan (aantal deelnemers per gemeente)
● actieve participatie aan de regionale stuurgroep verslaving indien deze georganiseerd wordt en de stuurgroep LSAD Balen
● actieve participatie aan het intergemeentelijk overleg gezonde gemeente
3.5 Aanbod “Wonen”
3.5.1. Regulier aanbod “Wonen” voor de hele regio Kempen inclusief Baldemore
Dit convenant doet geen afbreuk aan het regulier aanbod ‘Wonen’ dat CAW De Kempen voorziet in de regio Baldemore.
Maandelijks wordt een overzicht overgemaakt aan ILV Baldemore met daarop het aantal beschikbare en het aantal ingevulde plaatsen. Dit overzicht wordt besproken op het regionale diensthoofdenoverleg. De teamverantwoordelijke Wonen van CAW neemt jaarlijks minstens één keer deel aan het diensthoofdenoverleg en wordt hiervoor minstens één maand voorafgaand aan dit overleg uitgenodigd door ILV Baldemore.
3.5.2. Extra ambulante woonbegeleiding OCMW Balen
Vanuit het OCMW Balen wordt 0,8 VTE toegekend aan CAW De Kempen volgens de financiële afspraken in artikel 10 aan CAW De Kempen voor ambulante woonbegeleiding. CAW De Kempen verbindt zich ertoe om een integrale woonbegeleiding te verzekeren aan een aantal cliëntsystemen die verblijven op het grondgebied van de gemeente Balen.
CAW De Kempen engageert zich om volgend aanbod in de gemeente Balen uit te bouwen:
● Maximum 10 begeleidingen per jaar, 7 begeleidingen is het minimum.
● In de planning wordt voor een systeem (koppel, gezin of alleenstaande met kinderen) 4u/week voorzien, voor een alleenstaande 2u.
● Er wordt gestreefd om dit quotum maximaal op te vullen in de loop van het jaar.
● De aanmelding gebeurt via OCMW Balen. Er vindt binnen de maand een kennismakingsgesprek plaats met de woonbegeleider om te voorkomen dat er mensen op de wachtlijst staan die niet binnen de woonbegeleiding passen.
● Het begeleidingsaanbod richt zich naar kansarme cliëntsystemen, woonachtig in Balen. Een achterstellings- of thuisloosheidsproblematiek dient duidelijk aanwezig te zijn.
Het aanspreekpunt voor de extra ambulante woonbegeleidingen binnen gemeente Balen is de hoofdmaatschappelijk werkster.
3.5.2. Extra ambulante woonbegeleiding OCMW Balen
Vanuit het OCMW Balen wordt 0,8 VTE toegekend aan CAW De Kempen volgens de financiële afspraken in artikel 10 aan CAW De Kempen voor ambulante woonbegeleiding. CAW De Kempen verbindt zich ertoe om een integrale woonbegeleiding te verzekeren aan een aantal cliëntsystemen die verblijven op het grondgebied van de gemeente Balen.
CAW De Kempen engageert zich om volgend aanbod in de gemeente Balen uit te bouwen:
● Maximum 10 begeleidingen per jaar, 7 begeleidingen is het minimum.
● In de planning wordt voor een systeem (koppel, gezin of alleenstaande met kinderen) 4u/week voorzien, voor een alleenstaande 2u.
● Er wordt gestreefd om dit quotum maximaal op te vullen in de loop van het jaar.
● De aanmelding gebeurt via OCMW Balen. Er vindt binnen de maand een kennismakingsgesprek plaats met de woonbegeleider om te voorkomen dat er mensen op de wachtlijst staan die niet binnen de woonbegeleiding passen.
● Het begeleidingsaanbod richt zich naar kansarme cliëntsystemen, woonachtig in Balen. Een achterstellings- of thuisloosheidsproblematiek dient duidelijk aanwezig te zijn.
Het aanspreekpunt voor de extra ambulante woonbegeleidingen binnen gemeente Balen is de hoofdmaatschappelijk werkster.
3.6. Inloopcentrum Mol
Gemeente en OCMW Mol stellen voor de duur van deze overeenkomst, een accommodatie ter beschikking. In het kader van de ontwikkeling van een gezamenlijk welzijnshuis zal deze accommodatie op termijn worden geherhuisvest op de daartoe voorziene welzijnssite.
De doelstellingen van het inloopcentrum zijn:
● het toeleiden naar geschikte hulp- en dienstverlening;
● het versterken van het netwerk en sociaal vangnet;
● kracht en zelfvertrouwen bij de cliënten te verhogen;
● activering door middel van activiteiten
CAW De Kempen engageert zich om:
● Minstens 3 dagen per week open te zijn;
○ Waarvan minstens twee dagen per week de volgende openingsuren te hanteren: 11u30 tot 16u;
○ Waarvan minstens 1 dag per week ofwel van 13u-18u (winteruur) open te zijn of van 15u-20u (zomeruur) open te zijn.
Afwijkingen van de openingsuren worden door het CAW minstens 2 weken op voorhand gecommuniceerd per mail aan de diensthoofden van de OCMW’s van regio Baldemore en de bezoekers, met uitzondering bij overmachtsituaties.
Evaluatie
De werking van het inloopcentrum ‘De Passage’ wordt besproken en geëvalueerd op de stuurgroepen die minimaal 2 X per jaar georganiseerd worden door CAW De Kempen.
CAW De Kempen bespreekt volgende zaken tijdens deze stuurgroepen:
● cijfers van het aantal (unieke)bezoekers per gemeente;
● dagelijkse werking;
● overzicht van de ondernomen (preventieve) acties en/of activiteiten;
● overzicht van tendensen binnen de regio, benoemen van signalen.
Deze stuurgroep bestaat minstens uit een afvaardiging vanuit ILV Baldemore, het afdelingshoofd sociale zaken van OCMW Mol, Actie Min, een medewerker en leidinggevende van het inloopcentrum.
Financieel
Er wordt 1 VTE tewerkgesteld voor de uitvoering van de opdracht inloopcentrum De Passage te Mol. Voor de financiering van deze personeelskost wordt 0,5 VTE financieel gedragen door de opdrachtnemer en 0,5 VTE word financieel gedragen door de opdrachtgever.
4. Financiering
4.1. Art.10: Financiering
ILV Baldemore verbindt zich ertoe om voor de uitvoering van de opdrachten zoals hierboven beschreven jaarlijks een bedrag ter beschikking stellen ten belope van:
● de effectieve loonkost per vastgelegde VTE
● Bovenop de werkelijke loonkost per VTE, wordt een overheadkost, inclusief aansturingskost, aangerekend van 15% bovenop de effectieve loonkost
Dit voor de werkingsperiode van 1 maart 2026 tot en met 31 december 2031. De middelen worden als volgt verdeeld:
Aantal VTE/Aanbod
● Drughulp: 1,8 VTE
● Wonen: OCMW Balen: 0,8 VTE
● Inloopcentrum De Passage te Mol: 0,5 VTE
● Intergemeentelijk preventiemedewerker: 0,5 VTE
Voor de afspraken omtrent financiële evaluatie verwijzen we naar 2.4.2 Art.4.2.
4.2. Art.11: Overdraagbaarheid
De ter beschikking gestelde middelen per werkingsjaar zijn niet overdraagbaar naar een volgend of vorig werkingsjaar. CAW De Kempen kan geen aanspraak maken op eventuele middelen die niet tijdens het werkingsjaar waarop zij betrekking hebben, besteed worden. Het middelensaldo dat op deze wijze ontstaat, zal teruggevorderd of verrekend worden door ILV Baldemore.
4.3. Art.12: Betalingsmodaliteiten
De jaarlijkse subsidies worden als volgt overgemaakt:
Voor de onderdelen die van toepassing zijn voor de ganse regio Baldemore, zijnde verslavingshulpverlening, intergemeentelijke preventiewerking en inloopcentrum:
● Een voorschotfactuur van 30.000 euro per 1 VTE wordt door CAW De Kempen bezorgd voor 31 mei van het lopende werkingsjaar.
● Een afrekening na het goedgekeurde inhoudelijke en financieel verslag over het betrokken werkingsjaar dat bezorgd wordt ten laatste op 1 april van het jaar volgend op het werkingsjaar.
● De facturen van het voorafgaande jaar worden ten laatste 20 januari bezorgd aan facturen@gemeentemol.be
Voor het onderdeel wonen gebeurt de afrekening voor OCMW Balen gescheiden:
● een voorschotfactuur van 30.000 euro per 1 VTE wordt door CAW De Kempen bezorgd
voor 31 mei van het lopende werkingsjaar.
● De facturen van het voorafgaande jaar worden ten laatste 20 januari bezorgd aan:
○ OCMW Balen: boekhouding@ocmwbalen.be
De opdrachtnemer is verplicht om alle voorvallen met een mogelijke financiële consequentie onmiddellijk te melden bij ILV Baldemore of bij de betrokken gemeente indien het een lokaal aanbod betreft.
CAW De Kempen verbindt zich ertoe de financiering enkel aan te wenden voor kosten die gepaard gaan met de uitvoering van deze overeenkomst. De betalingen gebeuren door storting op het rekeningnummer van CAW De Kempen: BE 73 0682 2182 2960 op naam van CAW de Kempen, Hofkwartier 23, 2200 Herentals.
4.4. Art.13: Personeel
In de convenant worden door de opdrachtnemer 2,8 VTE ter beschikking gesteld voor ILV Baldemore voor de opdrachten die de ganse regio Baldemore betreffen.
Personeel wordt aangeworven in samenspraak met ILV Baldemore. ILV Baldemore wordt betrokken bij de aanwervingsprocedures van personeel in het kader van deze convenant. Voor selecties wordt de manager van ILV Baldemore gecontacteerd om te bekijken wie er vanuit de ILV zal zetelen in de selectiejury.
Indien er voor de lokale opdrachten (aanbod Wonen) een medewerker dient aangeworven te worden, wordt hiervoor contact opgenomen met het lokale aanspreekpunt van deze gemeente.
Jaarlijks geeft ILV Baldemore feedback aan CAW De Kempen over deze personeelsleden in functie van evaluatiemomenten met betreffend personeel georganiseerd door CAW De Kempen.
Algemeen beleid en principes:
CAW De Kempen engageert zich ertoe om:
● in te staan voor de functionerings- en evaluatiegesprekken met de hulpverleners;
● in overleg met de contactpersoon van de verantwoordelijke partner of gedelegeerde partner de nodige maatregelen te nemen bij disfunctionering van een hulpverlener;
● ervoor te zorgen dat de hulpverleners kunnen werken binnen het deontologisch kader van CAW De Kempen;
● de inhoudelijke leiding en verantwoordelijkheid op te nemen voor de uitgebouwde hulpverlening en het daartoe onder andere het tewerkgestelde personeel te coachen, te begeleiden en te evalueren.
Het arbeidsreglement, rechtspositieregeling en deontologische code van CAW De Kempen is van toepassing op de personeelsleden. Het werkgeversgezag ligt bij CAW De Kempen.
Afspraken bij langdurige afwezigheid of beëindiging van de arbeidsovereenkomst:
● Een langdurige afwezigheid is een afwezigheid van het personeelslid van een periode van meer dan één maand.
● CAW De Kempen engageert zich ertoe om bij een langdurige afwezigheid een passende vervanging te voorzien in samenspraak met ILV Baldemore.
● Bij beëindiging van een arbeidsovereenkomst van de hulpverlener communiceert CAW De Kempen zo snel als mogelijk over het ontslag en de opzegsituatie met al dan niet de financiële implicaties met de manager van ILV Baldemore. Er wordt verwacht dat de dienstverlening gegarandeerd blijft tot het einde van de arbeidsovereenkomst. Als CAW De Kempen eenzijdig beslist dat er geen prestaties meer hoeven te gebeuren door de hulpverlener tijdens de opzegperiode, voorziet CAW De Kempen via andere middelen vervanging of wordt de tussenkomst voor personeel stopgezet voor deze periode.
4.5. Art.14: Afwijkingen in de uitvoering
Wanneer de opdrachtnemer vaststelt dat deze overeenkomst niet kan uitgevoerd worden zoals overeengekomen, wordt de manager van ILV Baldemore hiervan zo snel mogelijk op de hoogte gebracht. In onderling overleg zullen er verdere schikkingen ter zake getroffen worden.
Wanneer de opdrachtgever bij controles vaststelt dat de overeenkomst niet uitgevoerd wordt zoals overeengekomen, zal de opdrachtnemer hiervan schriftelijk in kennis gesteld worden via een aangetekend schrijven binnen een termijn van één maand na het eerstvolgende beheerscomité van ILV Baldemore, waarop de tekortkoming geagendeerd wordt. De opdrachtnemer zal hierop een voorstel tot aanpassing formuleren binnen de maand na kennisneming om de overeenkomst conform uit te voeren. De opdrachtgever en opdrachtnemer verbinden er zich toe in overleg te treden over deze aanpassing.
5. Duurtijd
5.1. Art.15: Duur van de overeenkomst
De overeenkomst geldt voor de duur van 1 maart 2026 tot en met 31 december 2031. Jaarlijks worden de resultaten geëvalueerd.
Na het verstrijken van deze termijn kan er een nieuwe overeenkomst worden opgesteld, in functie van lokale sociale beleidsplannen.
5.2. Art.16: Beëindigen van de overeenkomst
Het convenant kan niet stilzwijgend worden verlengd.
Het convenant eindigt van rechtswege bij het verstrijken van de looptijd, hetzij vroegtijdig in onderling overleg tussen de partijen, hetzij door opzegging door één van de partijen.
Elk der partijen kan op elk moment een onderdeel van deze convenant opzeggen, mits voorafgaandelijk overleg tussen partijen met het oog op de aanpassingen zoals bepaald in 4.5 Art.14. De kennisgeving van de opzegging gebeurt per aangetekende brief en per mail. De opzeggingstermijn begint te lopen vanaf de eerste werkdag na de kennisgeving. De opzegtermijn kan nooit de resterende looptijd van het convenant overschrijden.
Indien het convenant geheel of gedeeltelijk wordt opgezegd door de opdrachtgever betreft de opzegtermijn een termijn die moet worden in acht genomen om het personeel te ontslaan. Met een maximum van 6 maanden. Indien het convenant geheel of gedeeltelijk wordt opgezegd door de opdrachtnemer betreft de opzegtermijn max. 6 maanden tenzij in onderling overleg anders overeengekomen.
Ingeval van wijziging of stopzetting van de subsidiëring zoals vermeld in 3.3 intergemeentelijke preventiewerking en 3.2. verslavingshulpverleners, zullen de partijen hierover onverwijld in overleg treden om de gevolgen hiervan te evalueren en -indien mogelijk- tot aangepaste afspraken te komen met betrekking tot de verdere uitvoering van deze overeenkomst.
Indien geen overeenstemming kan worden bereikt binnen een termijn van 60 dagen na kennisgeving van de wijziging of stopzetting van de subsidie, heeft elke partij het recht deze overeenkomst geheel of gedeeltelijk te beëindigen. Indien de opdrachtgever beëindigt, is de opzegtermijn opnieuw de termijn die moet worden in acht genomen om het personeelslid te ontslaan, met een maximum van 6 maanden. Indien het convenant geheel of gedeeltelijk wordt opgezocht door de opdrachtnemer betreft de opzegtermijn max. 6 maanden tenzij in onderling overleg anders overeengekomen.
5.3. Art.17: Wijzigingen
Wijzigingen aan de convenant tijdens de looptijd van het convenant kunnen enkel na overleg en schriftelijk akkoord tussen partijen.
6. Aansprakelijkheid
6.1. Art.18: Aansprakelijkheid van de Partijen
De partijen zetten zich in voor een goede uitvoering van dit convenant. Ze blijven daarbij ieder voor zich aansprakelijk voor aanspraken van derden op schadevergoeding op grond van directe of indirecte schade, administratieve boetes of andere aanspraken.
In geval van geschillen tussen partijen zijn de rechtbanken van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, afdeling Turnhout, bevoegd.
7. Slotbepalingen
Onderhavige convenant vervangt de convenant opgemaakt op 17 november 2023 tussen partijen integraal.
BESLUIT
Artikel 1
De beslissingen van de gemeenteraad van 27 juni 2011 en 25 juni 2012 worden ingetrokken.
Artikel 2
De gemeenteraad aanvaardt de schenking van het schilderij ‘Kobe’ van Jakob Smits door de familie Carpentier.
Artikel 3
De kosten verbonden aan de schenking vallen ten laste van de gemeente.
Artikel 4
De gemeenteraad keurt de ontwerpakte, opgemaakt door notaris Jan Van Roosbroeck, goed.
Artikel 5
De burgemeester en algemeen directeur worden gemachtigd om de schenkingsakte namens de gemeente Mol te ondertekenen.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad aanvaardt het kwartserel van Theo Grobben.
BESLUIT
Enig artikel
De gemeenteraad keurt het reglement 'Huishoudelijk reglement Welzijnssite Ten Hove' goed. Het reglement luidt als volgt:
'Huishoudelijk reglement - Welzijnssite Ten Hove
Het gemeentebestuur van Mol zet in op een veilige, toegankelijke en aangename site Ten Hove. In dat kader voorziet de gemeente onder meer in verlichting van de parking, de fietsenstalling en strikt geregelde toegangen tot de gebouwen.
Artikel 1. Definities
Voor de toepassing van dit huishoudelijk reglement wordt verstaan onder:
1° Site Ten Hove: het geheel van de gebouwen en het volledige buitendomein, met adres Jakob Smitslaan 20-28, 2400 Mol, dat ressorteert onder de benaming site Ten Hove, inclusief het Sociaal Huis, de serviceflats, het woonzorgcentrum, het Lokaal Dienstencentrum, de cafetaria, de omliggende infrastructuur en de bijhorende terreinen.
2° Gebouwen: alle constructies die deel uitmaken van site Ten Hove, waaronder begrepen het Sociaal Huis, de serviceflats, het Lokaal Dienstencentrum, het woonzorgcentrum, de cafetaria, vergader- en polyvalente zalen en alle overige binnenruimten die toegankelijk zijn voor bewoners, bezoekers, personeel en derden.
3° Buitendomein: het geheel van de buitenruimten van site Ten Hove, met inbegrip van de toegangen, wandelpaden, parkeervoorzieningen, groene zones, speel- en beweegzones, waterfonteintjes en andere buitenfaciliteiten die behoren tot site Ten Hove.
4° Publieke zones: de buitenruimtes die vrij toegankelijk zijn voor het publiek tijdens de openingsuren en mits respect voor de regels van dit reglement.
5° Private zones: de buitenruimtes die enkel toegankelijk zijn voor bewoners en personeel, afhankelijk van de functie van de private zone.
Artikel 2. Toepassingsgebied
Dit reglement is van toepassing op site Ten Hove, inclusief de gebouwen en het buitendomein.
Door zich op site ten Hove te bevinden, onderwerpen bezoekers, bewoners, medewerkers en derden zich aan de bepalingen van dit reglement.
Artikel 3. Openingsuren en toegangsregels
§ 1. Gebouwen
De gebouwen van site Ten Hove zijn publiek toegankelijk van 8.30 uur tot 17.30 uur.
Voor- en nadien zijn deze enkel toegankelijk voor:
● bewoners van de serviceflats en het woonzorgcentrum
● hun bezoekers volgens de bezoekersafspraken
● deelnemers aan georganiseerde of vergaderactiviteiten
● personeel
Ook het gebruik van de toiletten is buiten de openingsuren enkel toegelaten voor deze doelgroepen.
§ 2. Buitendomein
Het buitendomein van site Ten Hove bestaat uit private en publieke zones.
● Private zones zijn enkel toegankelijk voor:
○ bewoners van de serviceflats en het woonzorgcentrum,
○ personeelsleden van de site Ten Hove,
○ bezoekers die bewoners vergezellen of die hiervoor expliciet toestemming kregen,
○ hulp- en dienstverleners in het kader van hun opdracht.
Deze zones zijn aangeduid met signalisatie of fysieke afsluitingen.
Andere personen hebben geen toegang tot de private zones. Het betreden ervan is verboden. Het betreden van private zones door onbevoegden is verboden.
● Publieke zones zijn toegankelijk als parkgebied binnen de onderstaande openingsuren:
○ Tijdens de zomerperiode (van 1 april t.e.m. 15 september) is het park geopend van 7 uur tot 22 uur.
○ Tijdens de winterperiode (van 16 september t.e.m. 31 maart) is het park geopend van 7 uur tot 20 uur.
Het is verboden het park te betreden of er aanwezig te zijn buiten de openingsuren.
De enige uitzonderingen hierop gelden voor:
○ bezoekers die zich naar of van de publieke parking begeven;
○ personen die site Ten Hove te voet of met de fiets doorkruisen via de aangeduide paden;
○ activiteiten en evenementen die worden georganiseerd door het gemeentebestuur van Mol of waarvoor voorafgaande toestemming werd verleend door het gemeentebestuur of de siteverantwoordelijke
Wie zich buiten deze aangeduide doorgangen bevindt buiten de openingsuren, overtreedt dit reglement.
Deze bepaling heeft tot doel de nachtrust van bewoners van de serviceflats en het woonzorgcentrum te beschermen.
Een overzichtsplan met de afbakening van gebouwen, private zones, publieke zones en toegelaten wandel- en fietspaden is opgenomen als bijlage.
Artikel 4. Gedrag en respect
Iedereen op site Ten Hove gedraagt zich beleefd, respectvol en verantwoordelijk.
Discriminerend, scheldend, racistisch, intimiderend, pest of agressief gedrag worden niet getolereerd.
Het aanspreken van anderen gebeurt altijd op een rustige en correcte manier.
Agressie, bedreigingen of vernielingen worden onmiddellijk gemeld aan het personeel of de politie.
Bewoners, bezoekers en medewerkers hebben recht op een veilig gevoel.
Wie zich onveilig voelt, mag dit steeds signaleren aan het onthaal tijdens de openingsuren of de siteverantwoordelijke na de openingsuren. Dit melden kan via lokaaldienstencentrum@gemeentemol.be.
Artikel 5. Geluid en nachtrust
§ 1. Nachtperiode
Tussen 22 uur en 7 uur geldt een algemene stilteperiode.
In deze periode is het verboden lawaai te maken, te roepen, luide muziek te spelen of andere vormen van storend gedrag te vertonen.
§ 2. Dagperiode
Tussen 7 uur en 22 uur wordt de rust van bewoners, bezoekers en omwonenden steeds gerespecteerd.
Storend, hinderlijk of overdreven luid gedrag is ook overdag niet toegelaten.
Muziek beluisteren gebeurt enkel via oortjes of een koptelefoon.
Op het voorplein, aan de fitnesstoestellen en op de zitbanken wordt rekening gehouden met bewoners en omwonenden.
Gezellige ontmoetingen zijn toegestaan zolang ze geen hinder veroorzaken.
Artikel 6. Infrastructuur en meubilair
Het meubilair en de infrastructuur van site Ten Hove worden met zorg gebruikt.
Het petanqueterrein wordt uitsluitend gebruikt om te petanquen, niet voor andere doeleinden.
Het is verboden te springen, klimmen of op meubilair te lopen.
Banken, stoelen en tafels worden niet verplaatst.
Afval hoort in de voorziene vuilnisbakken.
Het achterlaten van zwerfvuil, blikjes, flessen of sigarettenpeuken is verboden.
Artikel 7. Stopcontacten en nutsvoorzieningen
Stopcontacten en waterfonteintjes zijn enkel bestemd voor het personeel en bewoners.
Bezoekers en andere derden maken er geen gebruik van, tenzij zij hiervoor voorafgaande toestemming kregen van de siteverantwoordelijke.
In de cafetaria mogen de stopcontacten, indien beschikbaar, uitsluitend gebruikt worden voor het opladen van kleine draagbare elektronische toestellen zoals smartphones, tablets en laptops.
Het opladen van elektrische fietsen (inclusief e-bikes en fatbikes), steps, losse of afneembare batterijen, powerbanks en andere energieopslagmiddelen is op de volledige site Ten Hove verboden, zowel in de gebouwen als op het buitendomein.
Artikel 8. Alcohol, tabak en verdovende middelen
§ 1. Overmatig gebruik van alcohol met tekenen van openbaar dronkenschap is nergens op site Ten Hove toegestaan.
§ 2. Roken is enkel toegestaan in de aangeduide rookzone. Deze wordt ordelijk en respectvol gebruikt.
§ 3. Het gebruik van drugs of lachgas is ten strengste verboden.
Artikel 9. Eten
Eten is toegestaan:
● in de cafetaria van het Lokaal Dienstencentrum;
● in vergaderzalen bij activiteiten;
● en op het buitendomein, zolang dit ordelijk gebeurt en geen overlast veroorzaakt.
Artikel 10. Dieren
§ 1. Dieren zijn verboden in het publieke gedeelte van de gebouwen - inclusief de cafetaria -, behalve assistentie- of geleidehonden.
§ 2. Op het buitendomein zijn dieren toegelaten, mits aanlijning en toezicht. Eigenaars staan in voor het opruimen van uitwerpselen.
Artikel 11. Fietsgebruik en voertuigen
§ 1. Gemotoriseerde voertuigen zijn verboden op het buitendomein, behalve prioritaire voertuigen, dienstvoertuigen of medische hulpmiddelen (zoals rolstoelen of scootmobielen).
Fietsen zijn enkel toegelaten op de aangeduide paden. Binnenpleinen zijn fietsvrij. Stapvoets rijden is overal verplicht.
§ 2. Fietsen en elektrische fietsen worden in de publieke fietsenstallingen geplaatst, zeker niet voor de ingangen.
Artikel 12. Veiligheid, verlichting en toezicht
§ 1. Bij incidenten of vandalisme wordt meteen de politie verwittigd.
§ 2. Camerabewaking is in de gebouwen aanwezig, met strikte naleving van de privacywetgeving en de afspraken met de politie over beeldoverdracht.
§ 3. Bij gevallen van vandalisme, geweld of agressie wordt melding van de feiten gedaan bij de politie. De politie kan vervolgens de beeldoverdracht vragen wanneer de feiten mogelijk gefilmd werden door een camera in beheer van het gemeentebestuur.
Artikel 13. Overnachting, vernieling en ongepast gebruik
Het is verboden te kamperen, te overnachten, te vernielen of graffiti aan te brengen.
Iedere vorm van schade of gevaarlijk gedrag kan aanleiding geven tot onmiddellijke verwijdering van site Ten Hove en een GAS-sanctie.
Artikel 14. Fauna en flora
§ 1. Het voederen van dieren is verboden.
§ 2. Planten, struiken of bomen mogen niet beschadigd of geplukt worden.
Artikel 15. Toezicht en sancties
De siteverantwoordelijke en de politie zien toe op de naleving van dit reglement.
Bij overtredingen kan de politie ingeschakeld worden.
Sancties kunnen opgelegd worden overeenkomstig het gemeentelijk GAS-reglement.
Bij herhaaldelijke overtredingen kan de toegang tot site Ten Hove tijdelijk of definitief worden ontzegd.
Artikel 16. Slotbepaling
Dit reglement treedt in werking na goedkeuring door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn van Mol.
Het wordt publiek gemaakt via signalisatie op site Ten Hove en publicatie op de gemeentelijke website.
De regels gelden voor alle gebruikers, bezoekers en bewoners van site Ten Hove.
Bijlage: Overzichtsplan site Ten Hove
De bijlage bevat een plan van de site met aanduiding van:
● Gebouwen (met openingsuren),
● Private zones (toegankelijk enkel voor bevoegden),
● Publieke zones (toegankelijk tot 22 uur in de zomer en 20 uur in de winter),
● Wandel- en fietspaden die ook na 22 uur gebruikt mogen worden,
● Rookzones en toegangen tot de publieke parking.'
BESLUIT
Artikel 1
De gemeenteraad adviseert positief en gaat principieel akkoord over de plaatsing en het gebruik van (tijdelijke) vaste bewakingscamera’s op niet-besloten plaatsen.
Artikel 2
De plaatsing en het gebruik van (tijdelijke) vaste bewakingscamera’s op deze niet-besloten plaatsen wordt positief geadviseerd en de gemeenteraad gaat hier principieel mee akkoord:
- kruispunt Corbiestraat met Boerekrijgstraat (3 camera’s – straalverbinding)
- Rondplein hoek Lakenmakersstraat (3 camera’s – straalverbinding)
- Corbiestraat met Statieplein (2 camera’s – straalverbinding)
- Statieplein thv nummer 5 (2 camera’s – straalverbinding)
- kruispunt A.Reydamslaan - St. Pieterstraat (camera 1)
- kruispunt Corbiestraat – Boomgaardstraat (camera 2)
- Statieplein (camera 3 en 4)
- kruispunt Statiestraat – Boomgaardstraat – Guido Gezellestraat (camera 5)
- kruispunt Kloosterstraat – Voogdijstraat – Rozenberg (camera7)
- kruispunt Kloosterstraat – Statiestraat (camera 8)
- kruispunt Statiestraat – Laar (camera 9)
- kruispunt Santo Tomasplein (camera 10)
- kruispunt Lakenmakerstraat (camera 11)
- kruispunt Hofstraat – Boerenkrijgstraat (camera 12)
- kruispunt Graaf De Broquevillestraat – Edmond Van Hoofstraat (camera 14)
- kruispunt Skatepark – Rivierstraat (camera 15A en 15B)
- kruispunt Boerenkrijgstraat (camera 16A en 16B)
- kruispunt Schansstraat – Achterpad (camera 17)
- kruispunt St. Pieterstraat – Rondplein (camera 18)
- kruispunt Corbiestraat – Rondplein (camera 19A en 20B)
- Gebouw ‘t Getouw (camera 21 – 22 – 23)
- Smallestraat, ter hoogte van de parking REX (schouwburg) (camera x)
- AXIS Q6100 E network camera (360° - tijdelijke vaste camera)
- AXIS Q6135-LE PTZ network camera (1080p - tijdelijke vaste camera)
Artikel 3
Dit advies wordt ter kennis gebracht aan de verwerkingsverantwoordelijke (politiezone Balen-Dessel-Mol), die instaat voor de aanmelding van de bewakingscamera’s bij de politiediensten, de plaatsing van de bij wet vereiste pictogrammen en het bij wet voorziene register van de beeldverwerkingsactiviteiten.
Artikel 4
Dit besluit wordt bekend gemaakt overeenkomstig de bepalingen van Decreet Lokaal Bestuur.
BESLUIT
Enig artikel
De in bijlage toegevoegde verwerkersovereenkomsten worden opgesteld en goedgekeurd tussen het gemeentebestuur van Mol als verwerkingsverantwoordelijke en volgende verwerkers:
● Koninklijke Boom uitgevers BV
● Orka Training B.V.
● Chessity B.V.
● Lexima B.V.
BESLUIT
Enig artikel
De raad keurt de specifieke aanwervings- en bevorderingsvoorwaarde voor de functie van molenaar goed zoals opgenomen in bijlage 3 van de rechtspositieregeling.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.